woensdag 25 oktober 2017

JAAP WON EEN PRIJS - Imme Dros & Harrie Geelen (Querido)

Een nieuw prentenboek van het duo Dros/Geelen is altijd iets om naar uit te zien. Sinds hun allereerste samenwerking aan het eind van de jaren zeventig (met, volgens mij, HET PAARD RUDOLF) zijn er talloze boeken verschenen, altijd rijk van taal en rijk van beeld. Ditzelfde geldt voor het net gepubliceerde JAAP WON EEN PRIJS. Iedereen is trots op kleine Jaap, hij krijgt post waarin aangekondigd wordt dat hij een prijs gewonnen heeft. Hij wordt gefêteerd, maar zelf wordt hij er alleen maar onzeker van. Want waarvóór won hij die prijs dan?
De heerlijk te voorlezen zinnen worden geëvenaard door een al even kleurrijke verbeelding door Harrie Geelen. Dat begint al op de prachtige paars-blauw-bruine schutbladen, die je al meteen doen denken: ik wou dat ik hier een behang van had! Wat ook opvalt: de sterke combinatie van Geelens werk met de tekeningen van kleine Jaap zelf. Op de eindplaat bijvoorbeeld. Ronduit ontroerend.

HET BOEK - Marije Tolman & Ronald Tolman (Querido)

Een groot formaat tekstloos prentenboek, in navolging van hun eigen HET EILAND en DE BOOMHUT: nu is er HET BOEK. Opnieuw maakte Ronald Tolman intrigerende etsen en voegde Marije daar kleur, landschap en dieren aan toe. De 'hoofdpersoon' is een lezend olifantje. Hij is zo verdiept in zijn boek dat wat om hem heen gebeurt er niet toe lijkt te doen - lijkt, want misschien is wat om hem heen gebeurt wel dat waar hij over leest? Of misschien verandert zijn lezen wel alles om hem heen? Misschien verandert lezen je wereld? Als dat waar is, en het is waar op de manier die Ronald en Marije Tolman ons tonen, dan is dat een zegen voor de wereld. Want - en dat is ook al zo spannend aan dit boek - is het dan niet ook zo dat het de mensen/dieren óm de lezer heen op een prachtige manier verandert? Is dat niet wat we zien op de laatste adembenemende prenten van HET BOEK?

zondag 22 oktober 2017

DINO'S BESTAAN NIET - Mark Janssen (Lemniscaat)

Het tweede door Mark Janssen getekende én geschreven grote prentenboek is er! Na het geweldige NIETS GEBEURD is er nu het even geweldige DINO'S BESTAAN NIET. Twee jongetjes, Tim en Jesse, gaan met een zaklantaarntje in een nachtelijk bos op zoek naar een 'zogenaamde dinosaurus'. Jesse denkt overal verdachte vormen te zien, maar hij wordt voortdurend overruled door Tim, die voorop loopt. Totdat ook hij moet toegeven dat...
In het boek staan vijf dubbele uitklapplaten, waarop het werkelijk verbluffend schitterende nachtbos te zien is. Met diepe groene en blauwe verf en met een heel sterk spel met lichtbronnen doemt een woud op waarin elke stam ook een dinopoot kan zijn, elke boomkruin een nog net niet opengesperde dinobek. De platen zijn sfeervol, maar ook spannend. En dat ze uitmonden in een kleine scène bij een mooi vormgegeven huis, in veilig licht, doet niet af aan de heerlijke dreiging. Een dreiging die vanuit je eigen fantasie over je heen zou kunnen vallen en die je soms alleen met een feit kunt proberen tegen te houden: dat dino's niet bestaan, bijvoorbeeld. Toch?

LAND IN ZICHT! - Pieter Gaudesaboos & Brunhilde Borms (Lannoo)

LAND IN ZICHT! is in geen enkel opzicht een traditioneel boek. Het is weliswaar voorzien van een stevige hardcover, maar op het omslag staat 'doeboek'- en als zodanig is het vooral familie van de vakantieboeken die we vroeger bij een abonnement op jeugdbladen cadeau kregen. De bladzijden zijn ingebonden, maar worden ook bijeengehouden door een stevig elastiek. En we treffen nog voor de eerste bladzijde al een bonte poster aan met allerlei figuurtjes die uitgeknipt dienen te worden. Dat moet dan gebeuren tijdens het ontwerpen van een eigen eiland. Want dat is de inzet van dit heerlijke artefact: zeven kinderen krijgen de kans om het eiland van hun dromen te ontwerpen. In even zovele hoofdstukken dienen daartoe opdrachten voltooid te worden. Bijgestaan door steeds weer een andere raadgever (die je, heel modern, na elk hoofdstuk ook sterren toe moet kennen, al naar gelang je tevredenheid over hun hulp) kun je verkeersborden ontwerpen, vlaggen bedenken, nationale gerechten verzinnen en feestdagen benoemen. Tussendoor zijn er extra opdrachten, zoals labyrinthen of zoekplaten. Dat alles is uitgevoerd in de prachtige vormgeving van Gaudesaboos, met de hem kenmerkende aanstekelijke mix van jaren vijftig/zestig-design en kleurrijke digitale patronen. Het ziet er allemaal schitterend uit, en begeleid door de vrolijke teksten van Brunhilde Borms is dit voor alle kinderen een heerlijke knutsel- en leestijdsbesteding. 

donderdag 12 oktober 2017

SCHILDPADDEN TOT IN HET ONEINDIGE - John Green (Gottmer)

Zes jaar lang werden de verwachtingen opgebouwd - zes jaar lang na het krankzinnige succes van EEN WEEFFOUT IN ONZE STERREN. Afgelopen dinsdag verscheen, wereldwijd, dan TURTLES ALL THE WAY DOWN, bij ons - opnieuw in een prachtige, heerlijk lezende vertaling van Aleid van Eekelen-Benders - getiteld SCHILDPADDEN TOT IN HET ONEINDIGE. Laat ik het maar meteen zeggen: alle verwachtingen worden waargemaakt en misschien wel overtroffen.

Natuurlijk zijn er de bekende John-Green-ingrediënten (wetenschap, filosofie, hoogintelligente hoofdpersonen), maar ik denk dat ik me niet vergis als ik zeg dat die dit keer in een grotere dichtheid gepresenteerd worden. Er is nog altijd humor (die in dit boek van de beste vriendin van hoofdpersoon Aza komt), maar het zwaartepunt is vooral de uitzichtloosheid van de mentale ziekte van Aza: dwanggedachten over bacteriën. Green schrijft hier zo met kennis van zaken over, met zoveel invoelingsvermogen en met zoveel diepte dat de passages waarin Aza's ziektestem het wint van haar 'gezonde' stem heel beklemmend zijn, en je even niets anders kunt dan het boek wegleggen.

SCHILDPADDEN IN HET ONEINDIGE is intelligent en gelaagd, onvoorspelbaar en realistisch - Green gaf het boek bijvoorbeeld geen makkelijk hoopvol einde én geen makkelijk zwart einde. De metaforen (zoals die waar de titel vandaan komt) zijn krachtig, er is zoveel in de roman dat je niet eerder zo las, de plot is aanwezig, maar - heel prettig - niet van groot belang, en alles vertrekt vanuit de vraag: ben je je eigen auteur? Schrijf je je dagen uit en loop je ze dan achterna? Is Aza fictief, is iedereen fictief? Fundamentele vragen, en het knappe van Greens zesde roman is dat je er geen mentale ziekte voor hoeft te hebben om die vragen zich toch te laten vermengen met die van jezelf. Over dit boek raak je niet snel uitgedacht, en het zal voor heel veel jongeren, overal in de wereld, een heel belangrijk boek zijn.
Ja, na die zes jaar is het duidelijk voor mij: met SCHILPADDEN IN HET ONEINDIGE sluit Green aan bij zijn eerdere werk, maar trekt tegelijkertijd zijn oeuvre naar nog essentiëlere gronden.

Dit boek werd in korte tijd, maar zeer consciëntieus én soepel, vertaald door Aleid van Eekelen - Benders.

zaterdag 7 oktober 2017

KUNST? - Ted van Lieshout (Leopold)

Naast zijn heel sterke nieuwste dichtbundel ONDER MIJN MATRAS DE ERWT kwam er nóg een boek van Ted van Lieshout uit: KUNST? Het is een kleine ode aan Marcel Duchamps FONTEIN (je weet wel, het tentoongestelde urinoir) geworden, die begint met deze zinnen: Dit is kunst. Welnee, het is een urinoir! In deze dialoogvorm, in heel helder en mooi vormgegeven zwarte, rode en witte tekstvlakken en letters, gaat Van Lieshout verder. De vragen die inderdaad al een eeuw lang opkomen bij het zien van dit kunstwerk worden door Van Lieshout gesteld én beantwoord. Het is alsof we met een bevlogen Leraar Kunst Die Ook Dichter Is om Duchamps fonteinurinoir staan en alles mogen zeggen wat in ons opkomt. En als we naar de volgende zaal gaan, naar het volgende museum, naar de volgende reproductie in een boek over kunst, lopen we een klein beetje verender. Want er is een dakraampje in ons hoofd opengegaan en nu waait het daar frisjes naar binnen.

vrijdag 6 oktober 2017

TORI - Brian Elstak & Karin Amatmoekrim (Das Mag)

De drie kinderen van Jean-Michel Tortoise - ze heten Cel, Bones en Zi - krijgen een belangrijke opdracht: ze moeten het boek met verhalen dat hun vader schreef (tori's) naar uitgever Lennox brengen. Maar dat is geen ongevaarlijke klus: onderweg wachten nare katachtigen, verraderlijke ratten en zelfs een draak.
TORI, het eerste kinderboek dat bij uitgeverij Das Mag verscheen, is een daverend verhaal. De gebeurtenissen buitelen over elkaar heen en aan het einde wordt zelfs een vervolg beloofd. Het meest geweldige aan dit boek zijn trouwens de tekeningen. Die zijn robuust en kleurrijk, met prachtige vergrotings- en verkleiningseffecten. Zowel de houdingen en gezichten van de kinderen alsook de gearceerde hulpdieren die Bones tekent met zijn potloodzwaard zijn prachtig (kan me voorstellen dat dit boek op gaat vallen bij de Penseeljury volgend jaar). Het gekozen papier en het schitterende design (van Lyanne Tonk, omslag van Dewy Elsinga) versterken dat ook nog eens heel mooi.

donderdag 5 oktober 2017

NIET THUIS - Jacques Vriens (Van Holkema & Warendorf)

Het nieuwe boek van meesterverteller én vertelmeester Jacques Vriens heet NIET THUIS en het is een van zijn allerbeste. Het gaat over een groepje van zeven kinderen die in een leefgroep verblijven, omdat ze om verschillende redenen niet thuis kunnen wonen. Het voortbestaan van de leefgroep wordt door bezuinigingen bedreigd en daartegen bedenken de zeven een uitzonderlijke actie. Het boek is spannend en niet voorspelbaar. Het verhaal is goed gebalanceerd en rust op een mooie manier in de werkelijkheid van dit deel van de hedendaagse Nederlandse jeugdzorg. Maar het allersterkst is toch wel de dynamische weergave van dat groepje. De kinderen zijn zo levensecht en reageren op zo'n geloofwaardige manier op elkaar en de situatie, dat je regelmatig denkt: hoe kan Jacques Vriens zéven kinderen tegelijkertijd aanvoelen? Het is alsof hij ze ergens in onzichtbare gedaante afgeluisterd heeft. Voeg daarbij het feit dat dit boek eigenlijk gemáákt is voor een verfilming en je hebt een heel stevige aanrader.  

KATTENSOEP - Janneke Schotveld, met tekeningen van Annet Schaap (CPNB) en KNIKKERUIL - Martijn van der Linden & Maranke Rinck (CPNB)

De kinderboekenweek is begonnen en dus worden er hopelijk massaal boeken gekocht, en dus krijgen de kopers daar het kinderboekenweekgeschenk bij, en voor een heel klein bedrag, het kinderboekenweekprentenboek.
Ik deed en kreeg dat gisteren ook en ik had plezier met het lezen en bekijken van beide boeken.

KATTENSOEP is een vrolijk verhaal over de geheimzinnige verdwijning van wel meer dan twintig katten. Boeli en Lucy gaan op zoek naar het verhaal áchter die verdwijning. KATTENSOEP is ongecompliceerd en monter. Mij beviel vooral de timing van de dialogen en de actie - het boek doet daardoor heel fris aan. Ook fijn: de vanzelfsprekende om zijn echtvriend treurende opa, de bakker die een vrouw is, de politieagent die Zarif heet - niet omdat Schotveld politiek correct wil zijn, maar gewoon, omdat het een verhaal van nu is.

KNIKKERUIL is na MEMORYKONIJN en TANGRAMKAT het derde prentenboek met-en-óver-een-spel dat Martijn van der Linden en Maranke Rinck bedachten en ook dit derde deel is weer oogstrelend. Waar TANGRAMKAT allerlei rechthoekige/driehoekige vormen toonde, is het nu vooral rollend wat we zien. Vanaf de schutbladen cirkelen ze ons al tegemoet: de knikkers met de naam Spook, Coole Dude, Zebra, of zelfs - gelukkigmakend - Okapi. Als contrast zijn daar de prachtige knikkerspelen waar de knikkerpersonages, met uil als nieuwelingetje, in verzeild raken. En de monsters op de achterkant van het boek zijn dáár dan weer de koningen van, natuurlijk. Een heerlijk boek!
   

zaterdag 23 september 2017

LAMPJE - Annet Schaap (Querido)

Iedereen zei het al en iedereen had gelijk. Dat LAMPJE, het schrijfdebuut van Annet Schaap, het wonder van het kinderboekenjaar was. Ik had het alleen nog niet gelezen. Niet omdat ik dat niet wilde, maar juist omdat ik het gráág wilde. Ik wilde de juiste tijd vinden, een tijd met rust en aandacht, want ik wilde absoluut niet dat het tegen zou vallen. Toen wist ik nog niet dat LAMPJE niet kón tegenvallen. Ik las het nu dus (eindelijk) wel, en ja: iedereen zei het al en iedereen had het gelijk. LAMPJE is een blinkende parel van een boek. Alles eraan is goed: de uitgave, de prachtige brede tekeningen aan het begin van elk hoofdstuk, de karaktertekening, de plotopbouw, de taal... Het is duidelijk dat uitgeverij Querido hiermee een klassieker het licht heeft doen zien. Een boek dat in alle klassen voor te lezen is, dat in de mooiste traditie van Paul Biegel staat, maar dat toch ook zo sterk en warm van zichzelf is. Lampje en Vis en Lennie zijn personages om van te houden en ach, eigenlijk zijn alle andere figuren dat ook, want Annet Schaap heeft mededogen voor iedereen. Met dit boek is het Nederlandse kinderboekenlandschap een mijlpaal rijker.

donderdag 21 september 2017

HOND IN HET HUIS VAN WOLF - Sylvia Vanden Heede & Marije Tolman (Lannoo)

Sylvia Vanden Heede is natuurlijk al beroemd om haar boeken voor beginnende lezers over Vos en Haas, maar die over Hond en Wolf, met Marije Tolman, beginnen ook al een sterke faam te krijgen. In het nieuwste deel, HOND IN HET HUIS VAN WOLF, vertrekt Wolf uit het bos en Hond moet maar op zijn huis passen. Pup? Die moet achterblijven in het huis van Hond. In een goed verhaal in vrijwel enkel éénlettergrepige woorden voltrekt zich een echt avontuur, inclusief écht enge passages, maar ook met een mooi, rond ploteinde.
De tekeningen van Marije Tolman leggen er een prachtig kleurentapijt onder. Er zit vaart in (de plaat waarop Wolf zich smekend vastklampt aan de poot van hond is heel grappig beweeglijk), maar ook rijke sfeer: de platen met de verbeelde angsten in de nacht van Hond bijvoorbeeld - die zijn spannend en eng, maar nooit té eng. Een heerlijk boek dus, vooral ook voor startende lezers.

HET ALFABET VAN CANDICE PHEE - Barry Jonsberg (Lemniscaat)

Een mooi nieuw jeugdboek uit Australië, en het eerste in het Nederlands vertaalde verhaal van de aldaar vermaarde Barry Jonsberg. Candice houdt van orde en van letterlijkheid: een opdracht als 'beschrijf jezelf aan de hand van een alfabet' is dus heel helder voor haar. Ze neemt er dan ook de ruimte voor - dit boek ís die ruimte. In zesentwintig hoofdstukjes beschrijft Candice haar leven. Haar moeder is depressief en haar vader teleurgesteld. Haar kleine zusje is gestorven en haar rijke lievelingsoom kan niet meer op bezoek komen, omdat er ruzie is tussen hem en Candice' vader. Een gecompliceerd leven dus, maar het fijne aan dit boek is dat het nogal monter is. Met humor en slagvaardigheid gaat Candice aan de slag. In soms hilarische acties brengt ze iedereen bij elkaar. Heel mooi is het om te zien hoe het autisme-achtige karakter van Candice niet als probleem, maar juist als kracht wordt ingezet. De personages zijn warm en levendig, en dus kan ik alleen maar de hoop uitspreken dat er meer boeken van Jonsberg vertaald zullen gaan worden.

Dit boek werd vertaald door Annelies Jorna.

zaterdag 9 september 2017

BLAUWE HOND - Louis de Bernières (De Arbeiderspers)

Achterin dit fijne, kleine verhaal schrijft Louis de Bernières: 'Net als DE ROOIE HOND is dit boek geschreven voor kinderen van twaalf en zal het waarschijnlijk vooral door volwassenen worden gelezen.' Dat laatste is wel waarschijnlijk, aangezien het verschijnt bij De Arbeiderspers, een niet-kinderboeken-uitgeverij, maar het zou zonde zijn. BLAUWE HOND is een heerlijk boek. Het speelt zich af in het bushland van Australië, waar Mick van twaalf tijdelijk gaat wonen. Zijn opa heeft er een cattle station, een onherbergzame plek voor kinderen, met cyclonen en bosbranden. Maar Mick leert er de geweldigste mensen kennen: kluizenaars en surfers die het eenzame geluk najagen, en natuurlijk zijn geweldige opa. Het boek is doortrokken van de geschiedenis van het land en van de Aboriginals, maar gloeit van de liefde. Die van opa voor Mick en terug, die van iedereen voor de betoverende lerares Miss Betty, en vooral die van en voor Blue, de pup die ze vinden. BLAUWE HOND is een heel sterke aanrader voor iedereen die van zintuiglijke, zinderende en ontroerende kleine verhalen houdt.

Dit boek werd vertaald door Susan Ridder, en bevat fijnzinnige pentekeningen van Alan Baker.

donderdag 7 september 2017

ONDER MIJN MATRAS DE ERWT - Ted van Lieshout (Leopold)

De kinderliteratuur - nee, élke literatuur - heeft eigenzinnige makers nodig, mensen die de grenzen opduwen. Ted van Lieshout doet dat. Hij deed dat altijd al, maar zijn nieuwe dichtbundel ONDER MIJN MATRAS DE ERWT is een van zijn allersterkste boeken en dus ook een van die allersterkste breekijzers.
De bundel spreidt, in vijfendertig gedichten, het portret uit van een meisje dat - denk ik - zweeft tussen haar kindertijd en haar puberjaren. Ze kan als een basisschoolleerlinge spelen met de gedachte dat haar moeder haar echte moeder niet is, maar ook samen met een vriendin geïntrigeerd zijn door een exhibitionist in een auto, of zich afvragen of ze misschien méér voelt voor dat vriendinnetje dan enkel vriendschap. De gedichten zijn rijk en lang of juist kort en strak, ze gaan van vrolijk naar serieus en hard - en altijd is er dat zoeken naar de eigen plek, misschien wel gaande gehouden door de metaforische erwt onder het matras, het eigenlijk-ben-ik-een-prinses-gevoel.

Het beeld komt in deze bundel van foto's van door Van Lieshout gemaakte koppen van poppen. Zelf schrijft hij daar in het nawoord over: 'Er zijn mensen die de poppenportretten in dit boek een beetje eng vinden. Dat komt misschien doordat we gewend zijn aan poppen die er mooi en schattig uitzien. Bovendien is het een beetje raar om portretten te maken van poppen alsof het mensen zijn. Toch wilde ik dat graag: foto's maken van poppen die níét snoezig zijn.' Snoezig zijn ze zeker niet, maar ze passen fantastisch bij het wringende gevoel uit de gedichten: ze tonen wezens die peinzen, die dromen of die verdwaald lijken. Steeds is elke kop getooid met iets dat met de gedichten te maken heeft: een tulband van een dweil, een kardinaalsmuts van een 20-euro-briefje (naast een gedicht dat 'negentien vijfennegentig' heet), een diadeem van erwten - en zo nog veel meer. In de ruime inhoudsopgave die voorafgaat aan het boek zien we trouwens drie door Van Lieshout getékende portret van het opgroeiende meisje, waarin hij haar als het ware aan ons voorstelt.

Het is een genot om dit boek tot je te nemen. Niet één, maar twee, zestien of een oneindig aantal keren. ONDER MIJN MATRAS DE ERWT verrijkt de jeugdpoëzie (en toont daarmee meteen de aarzelend op gang komende, maar met deze bundel duidelijk aangetoonde revival ervan aan), maar ook de poëzie-illustratie. ONDER MIJN MATRAS stoot door onze vastgelopen normen heen en is daarmee niet alleen geweldig, maar ook stikbelangrijk.

IS NERGENS ERGENS? - Iris van der Graaf (Nieuwezijds)

IS NERGENS ERGENS? heeft als ondertitel: Verhalen over filosofen en hun ideeën. Dat geeft weer wat dit boek biedt: Iris van der Graaf 'behandelt' bekende filosofen en vertaalt hun ideeën in voor kinderen navolgbare vragen. Dat levert een intrigerend geheel aan kwesties op, zoals: waar denk je aan als je aan de dood denkt? Blijf je dezelfde persoon als je ouder wordt? Ben je altijd zelfverantwoordelijk, of zijn er ook situaties waarin je niets te kiezen hebt?
Van der Graaf schrijft helder en sluit echt aan bij kinderen. Om die reden is dit boek heel goed te gebruiken voor filosofielessen op de basisschool - iets dat sowieso zeer, zeer te propageren valt. Op de achterflap is te zien welke filosofen 'behandeld zijn' en hoe we ze in de tijd kunnen plaatsen. Het gaat dan dus van Leucippus naar Nussbaum, via allerlei grote namen als Kant, Descartes, Kierkegaard Sartre en Arendt.  

MIJN ZUSJE HEEFT HET KLEINSTE HUIS - Merel Eyckerman & Marjet Huiberts (Gottmer) - PLASMAN - Benjamin Leroy & Jaap Robben (Gottmer)

Twee fijne nieuwe Gottmer-prentenboeken: in MIJN ZUSJE HEEFT HET KLEINE HUIS onderzoekt Marjet Huiberts in de fijn rijmende tekst allerlei woonvormen binnen een familie. Flat, bejaardenhuis, villa, rijtjeshuis - maar ook twee tantes samen, een deftige oom en tante, en alleenstaanden. Merel Eyckerman maakte er prachtige prenten bij, waarin de heldere behuizingen (in dunne lijnen) mooi combineren met de figuren van de mensen die ze bewonen. Het kleurgebruik is dat van een frisse nieuwe lentedag: bont maar zacht. Het boek eindigt in een mooie, zichzelf in de compositie omarmende, tekstloze spread waarin alle familieleden bijeenkomen rond de nieuwste aanwinst, het zusje dat even tevoren nog het fijnste, kleinste huisje bewoonde.

In PLASMAN is de stad in gevaar: de Verschrikkelijke Sneeuwman komt eraan. Maar alle superhelden hebben redenen om niet in actie te kunnen komen - en dus moet Plasman het doen. Het boek is een kijkfestijn geworden. De timing die Jaap Robben in zijn tekst legt zie je in beeld gespiegeld, met vele extra effecten. De superheldenmoeders die zich over het (dan nog) nietsnutje Plasman heen buigen, de vliegende Plasman die een strakke rechte lijn naar een urinoir plast, de overzichtsplaten van het stadje, met een piesgeel standbeeld, op elke spread is er grinnikend iets aan te wijzen. Het plezier dat Benjamin Leroy overduidelijk heeft gehad bij het tekenen spettert evenzo vrolijk het boek uit.
  

zondag 3 september 2017

EEN HUIS VOOR HARRY - Leo Timmers (Querido)

Leo Timmers is een van de belangrijkste prentenboekmakers die we hebben. In zijn unieke eigen stijl maakt hij het ene na het andere oogstrelende prentenboek dat tegelijkertijd voor heel, heel veel kinderen is. Ook EEN HUIS VOOR HARRY gaat weer tot mijn rijtje Timmersfavorieten behoren: we zien Harry, een iets te zware huispoes, die op een dag, verleid door een vlinder, zijn huis verlaat en de weg kwijtraakt. In zijn zoektocht naar de weg naar huis ontdekt Harry hoe andere dieren wonen: laag, hoog, klein. In dit verhaal, waaraan natuurlijk een gelukkig einde zit, zijn er meerdere spreads waarvan je het origineel in je kamer wilt hebben hangen. Die van Harry die een duizendpoot ontdekt, bijvoorbeeld. De duizendpoot woont onder een sokkel - daar gaat het ook om, hij woont 'laag'. Maar óp de sokkel ligt een plomp en trots beeld van een groen uitgeslagen koperen leeuw. En als contrast is er een tevreden duif op het achterste van de leeuw gaan zitten - al kijkt hij suf de andere kant op. Een heerlijke compositie. Ook de platen met de aanwijsborden zijn magnifiek. EEN HUIS VOOR HARRY is dus weer vintage Timmers. 

maandag 28 augustus 2017

HET GEHEIM VAN HET NACHTEGAALBOS - Lucy Strange (Gottmer)

Lucy Strange debuteerde met dit boek. Ze maakte een bijzondere keuze voor haar eerste verhaal: het speelt zich zo'n honderd jaar geleden af. De Eerste Wereldoorlog is net voorbij, en in het gezin van de twaalfjarige Henrietta (die Henry wordt genoemd) is heftig ingegrepen door het lot: haar oudere broer is omgekomen in een brand. Dat slaat het gezin uit elkaar. Haar moeder wordt depressief en haar vader vlucht in zijn overzeese werk. Gelukkig zijn daar de kokkin en de kinderverzorgster, maar ook die zijn bijna niet bestand tegen de veel te agressief opererende huisarts, die een opname van de moeder in een experimenteel krankzinnigengesticht liever gisteren dan vandaag plaats laat vinden.
Henry, die ook nog zorgen heeft om haar babyzusje, staat er helemaal alleen voor. Of toch niet? Er is onzichtbare bijstand van haar overleden broer, die ze nog af en toe voor zich ziet, en er is een mysterieuze vrouw die bivakkeert in de bossen buiten Huize Hoopvol, de nieuwe woning die het verwoeste gezin betrokken heeft.
Langzaam stuurt de schrijfster ons door dit klassiek aandoende boek, dat gaat over grote thema's: rouwverwerking en de moed om iets durven te veranderen. De plot doet nergens gekunsteld aan en vooral het kalme verteltempo helpt bij de geloofwaardigheid.

Dit boek werd vertaald door Aleid van Eekelen-Benders.

vrijdag 18 augustus 2017

DE DIEREN VAN HET DUISTER - Piers Torday (Luitingh Sijthoff)

DE DIEREN VAN HET DUISTER is het tweede deel van de trilogie die met DE LAATSTE WILDE DIEREN begon. Piers Torday kreeg voor dit deel de Guardian Children's Fiction Prize. Het draait ook dit keer weer over de strijd voor de dieren, die de twaalfjarige Kester samen met een paar trouwe helpers moet voeren: een mensenvriendin, Polly, die hij in deel één heeft leren kennen en die een bijzonder geheim blijkt te kennen dat de aarde (en de diversiteit van de soorten) kan 'resetten', en zijn dierenvrienden: het oude edelhert, het wolvenjong, de duiven, de dansende muis en de kakkerlak, die Generaal heet. Maar er blijken in dit deel veel meer dieren over te zijn dan Kester wist. Die dieren zijn de mensen niet goed gezind, en dus ook Kester niet. Wat volgt is een razende strijd, met veel wendingen in de hoofdstukken, maar ook, net als in deel één, een mooie ondertoon van vriendschap, moed en milieubewustzijn.

Dit boek werd vertaald door Aimée Warmerdam.

dinsdag 15 augustus 2017

VAN WIE IS DIE STAART? - Martijn van der Linden & Joukje Akveld (Gottmer)

In de fijne reeks 'Van Wie Is'-peuterboekjes (bedacht door Joukje Akveld, eerder waren er al heel mooie delen met Thé Tjong-Khing, Annemarie van Haeringen en Philip Hopman) verscheen nu een deel met tekeningen van de geweldige Martijn van der Linden: VAN WIE IS DIE STAART? Vormgegeven door Steef Liefting en mooi stevig op de wereld gezet door uitgeverij Gottmer. Per eerste spread zien we vier dieren (en één keer géén dier) en een staart - en van wie is die staart? Op de volgende spread volgt dan de oplossing. Maar hoe heerlijk zijn die oplossingen! We zien niet alleen het dier, maar altijd ook een vrolijk detail: een tasje aan een vleugel, een hoedje... Hiermee knoopt Martijn van der Linden niet alleen aan bij vorige delen, maar ook bij zijn eigen prentenboekdebuut HET PRINSENKIND (2004). In de laatste pagina's van dit VAN WIE IS DIE STAART worden ook nog eens alle vorige dierenspreads vrolijk samengevat. Een peuterboek vol pret.
 

dinsdag 1 augustus 2017

WIJ WAREN HIER EERST - Joukje Akveld (Gottmer)

De Nederlandstalige non-fictie voor kinderen bloeit. En een van de mooiste bloesems van dit jaar is WIJ WAREN HIER EERST: het verslag dat Joukje Akveld doet van haar reis naar Zuid-Afrika, meer precies van de dieren die ze daar trof, in en buiten speciale opvanginstellingen. Het boek is dik en bont. Niet alleen zijn er Akvelds participerende journalistiek-reportages (waarvan de vorm verschilt, dat is interessant en levendig), maar ook veel en vooral veel mooie foto's, er zijn kaderteksten, safaritips, er is de schone vormgeving van Steef Liefting en er zijn de strooitekeningen van Piet Grobler, die, zoals de schrijfster in het nawoord zegt, Afrikaans DNA toevoegen aan het boek. De veelheid en de precisie maken indruk, en voor kinderen die zoals ik vroeger een ranger van het Wereld Natuurfonds waren is dit boek werkelijk perfect - maar ook voor alle andere kinderen.

maandag 31 juli 2017

AFKOELEN - Selma Noort (Leopold)

Tomas is zo'n jongetje: altijd net iets te snel boos, net iets te snel druk. In een impulsieve actie doet de elfjarige zevendegroeper iets doms, iets dat eigenlijk klein is en zo hersteld had kunnen worden, maar het moment gaat voorbij en dan wordt alles steeds groter en lastiger.
Selma Noort schreef er een goed boek over. In AFKOELEN schildert ze, in een fijn lezend verhaal, een prachtig psychologisch beeld van de aandoenlijke Tomas. De details spreken en we krijgen echt inzicht in hoe hij denkt en wat hij doet.
Noort schreef intussen een sterk oeuvre bij elkaar. Voor DE ZEE KWAM DOOR DE BRIEVENBUS kreeg ze in 2016 een Vlag en Wimpel van de Griffeljury, wat mij betreft had ze er voor AFKOELEN dit jaar weer één mogen krijgen.

dinsdag 18 juli 2017

DE GROTE BOMENROVER - Oliver Jeffers (Hoogland & Van Klaveren) - OSSIP EN DE ONVERWACHTE REIS - Annemarie van Haeringen (Leopold)

Wat fijn, nieuwe prentenboeken van prentenboekmakers die nooit teleurstellen, in dit geval Oliver Jeffers en Annemarie van Haeringen.

DE GROTE BOMENROVER stamt al uit 2008, maar werd nu toch, gelukkig, vertaald. Het is een vrolijk soort detective: iemand heeft takken van de bomen gezaagd, en er wordt een team van speurders en rechters samengesteld. De lezer weet allang wie de schuldige is, en ja, die wordt ook gepakt. Waarna blijkt dat de takken voor iets heel anders worden gebruikt dan vermoed werd. Het grote plezier van dit boek schuilt in de tekeningen, die iets van een heel droge grap hebben: dezelfde timing, hetzelfde weglaten van alles wat overbodig is. Dat de benen en poten van alle personages vervangen zijn door streepjes is absurd, maar voegt eerder iets toe aan de waarachtigheid dan dat het iets wegneemt.

OSSIP EN DE ONVERWACHTE REIS gaat uit van een draadje: een draadje dat ergens ligt, een draadje waar Ossip (een soort kaboutertje) nieuwsgierig van wordt en dat hij besluit te volgen. Daarmee is het boek een pleidooi voor een open blik. Voor het durven nalopen van je eigen doedels, en dan maar zien wat ervan komt. Het mooie aan dit verhaal is dat het niet een sluitend 'plotje' is. De lezer/kijker kan zelf bedenken waar Ossip zich precies bevindt (zo is hij opeens op een tekentafel - die van Van Haeringen, toch?). Het boek lijkt dan ook te zijn wat het propageert: teken maar wat, schrijf maar wat, volg de lijnen die uitgezet zijn, toe maar, je wordt beloond.

DE GROTE BOMENROVER werd vertaald door Berd Ruttenberg.

maandag 10 juli 2017

WERELD VOETBAL ATLAS - Gerard van Gemert & Job van Gelder (Voetbal International Kids)

Leuk idee: een atlas maken aan de hand van voetbalfeiten. De kinderuitgeverij van Voetbal International vroeg aan schrijver Gerard van Gemert (beroemd van vele fictie-voetbalboeken) om alle continenten langs te gaan en van heinde en ver voetbalweetjes te verzamelen. In deze atlas worden de werelddelen een voor een soepel door Van Gemert beschreven - steeds vanuit voetbalperspectief. En dus leren we iets over het land, maar ook over de competities, de belangrijkste clubs en sterspelers, en zijn er grappige feitjes.

Een en ander wordt begeleid door de grootste troef in dit grote boek: de aanstekelijke tekeningen van Job van Gelder. Niet alleen tekent hij 'documentair', als het gaat om landgrenzen, voetbalstadions en clublogo's, maar ook strooit hij met grapjes en verwijzingen en maakt zo het bladeren door deze atlas tot een vrolijk kijkfeestje.

maandag 3 juli 2017

ARISTOTELES & DANTE ONTDEKKEN DE GEHEIMEN VAN HET UNIVERSUM - Benjamin Alire Sáenz (Blossom Books)

Een young adult novel die al tijden getipt wordt, gehypet misschien zelfs, die nu eindelijk in Nederlandse vertaling (een heel, heel mooie, van Aimée Warmerdam) verscheen, zo'n boek kan zo makkelijk tegenvallen. Maar ARISTOTELES & DANTE maakt alle verwachtingen waar.
Soms lees je van die boeken die niet meteen aanvoelen als mogelijke klassiekers, maar waarbij dat dit-is-een-klassieker-gevoel zich langzaam in je nestelt. Precies dat gebeurde me bij lezing van deze roman.
Aristoteles en Dante leren elkaar kennen als ze zestien zijn en doen meteen een vriendschap op die larger than life is. Het is wel duidelijk dat zij samen de 'geheimen van het universum' zullen ontdekken. De geheimen die liggen op het vlak van liefde en seksualiteit, maar ook op het vlak van je gevoelens voor jezelf houden (of juist niet), en, een heel mooi aspect in het boek: van de liefde voor je vader en moeder. Anders dan in veel jeugdboeken hebben beide jongens werkelijk fantastische ouders. Die ook fouten maken, natuurlijk, maar tegelijkertijd willen ze met hun zonen meedenken, en ze willen ze ook met rust laten, maar als het erop aankomt zijn ze in de buurt.
Benjamin Alire Sáenz heeft een onweerstaanbaar boek geschreven, en dat onweerstaanbare bestaat uit veel componenten. De setting (jaren tachtig, onder Amerikanen van Mexicaanse afkomst), de plot, maar vooral de subtiliteit. Daarnaast lees je er als een zandorkaan doorheen. Maar het meest waardevol is het toch de liefde die uit dit boek gloeit. ARTISTOTELES & DANTE ONTDEKKEN DE GEHEIMEN VAN HET UNIVERSUM is een roman die ons in de armen neemt.

Dit boek werd vertaald door Aimée Warmerdam.

donderdag 22 juni 2017

BOER BORIS EN HET GEBROKEN BEEN - Ted van Lieshout & Philip Hopman (Gottmer)

Dat ik fan ben van Boer Boris laat zich na acht eerdere leestips wel raden. Maar ook nu deel negen verschenen is beveel ik die weer graag bij iedereen aan. Dit keer is broertje Berend de hoofdpersoon, want hij breekt zijn been. Ted van Lieshout schrijft droog: 'Hij kan er niet op staan. Hij kan er niet op lopen. We moeten naar de winkel om een ander been te kopen.'
Tekenaar Philip Hopman heeft weer zichtbaar plezier gehad. Op de plaat die bij de bovenstaande zin hoort komt een horde blauwe kippen bezorgd en half in paniek aanrennen. We zien ze linksonder. Rechtsonder ligt de arme Berend (met zijn knalrode overall). Zusje Sam staat er bezorgd gesticulerend naast. Maar boven hen strekt een schitterende Van Gogh-achtige boom zijn takken uit. Op een mager stammetje (dat aardig rijmt met de botjes die we verderop in het boek op de röntgenfoto's zien) leunt een roze bladerdos, die weldadig tegenwicht biedt aan die blauwe paniekhennen. Overigens, om de compositie én de metaforische enscenering compleet te maken, ligt er nog een zielig gebroken takje op de grond. Of nee, er ligt een zaag naast en de tak is dus afgezaagd. Door Berend. Die op die manier zijn been gebroken heeft. Aha.
Zo zijn we nog maar één spread ver. Er volgt nog een fijn berijmd geruststellend verhaal én een beeldwereld die van bont naar geconcentreerd naar weer lekker bont gaat. BOER BORIS EN HET GEBROKEN BEEN is weer een heerlijke mini-opera van een prentenboek. Op naar deel tien.

DE GEVANGENISFAMILIE VAN PERRY T. COOK - Leslie Connor (Lemniscaat)

Er zijn boeken waar verschillende bezwaren tegen te bedenken zijn, die wel heel erg duidelijk Amerikaans zijn, die wellicht iets teveel een Hollywoodeinde hebben, die zich niet echt houden aan het devies 'show don't tell' - maar waar je toch de grote charme van inziet. Zo'n boek is ALL RISE FOR THE HONORABLE PERRY T. COOK, in het Nederlands vertaald als DE GEVANGENISFAMILIE VAN PERRY T. COOK. Perry, de jongen uit de titel, groeit op in een gevangenis. Niet omdat hij iets verkeerds gedaan heeft, maar omdat zijn moeder iets verkeerds gedaan heeft. Dat een moeder haar kind bij zich mag houden is volgens het boek ongewoon, maar de bevlogen gevangenisdirectrice heeft ervoor gezorgd dat het mogelijk was. Tot de officier van justitie erachter komt. Die de nieuwe vader van Perry's beste vriendin blijkt te zijn.
De charme van dit verhaal is de warmte die uit het beschrijven van de personages spreekt. Vooral de andere gevangenen lijken zo uit een fijne televisieserie weggelopen. Sowieso doet dit hele boek als een sympathieke sitcom aan. En ja, de bezwaren uit de eerste zin van deze leestip blijven bestaan, maar soms heeft een lezer er geen last van. Ik had er bij dit boek geen last van, want als de schrijfster voor één ding zorg heeft gedragen, dan is het wel dat je al lezend van Perry en zijn moeder gaat houden.

Dit boek werd vertaald door Ineke Lenting.


maandag 12 juni 2017

ARTHUR EN DE TATTOO VAN WOLF - Kaat Vrancken & Bert Dombrecht (Querido)

Het tweede boek over de wonderbaarlijke familie Staartjes is verschenen. Hondenkenner Kaat Vrancken schreef opnieuw over de belevenissen van Arthur, die net als zijn zussen een achterachterkleinkind is van een mensenras met hondentrekjes - een mooie vondst van de schrijfster. Deze 'kluivers' kunnen bijvoorbeeld extra goed ruiken, en hebben over het algemeen een hekel aan katten. In dit tweede avontuur gaat het om de zoektocht van Arthur (samen met zijn kat!) naar zijn vader (de kinderen hebben elk een andere vader). Arthur wordt geholpen door zijn vrolijke, eigengereide oma en door een wat duistere oom, die misschien wel iets in zijn schild voert. Extra leuk aan dit tweede deel is de entree van het boek: in pure graphic novelvorm krijgen we een snelle update over wat 'eraan vooraf is gegaan'. Dat hebben Kaat Vrancken en tekenaar Bert Dombrecht mooi gedaan. Een boek vol kijk- en leesgenoegen. 

THE HATE U GIVE - Angie Thomas (Moon)

Maar eens in de zoveel tijd komt er een boek voorbij waarvoor je meteen ruimte wil maken in je eeuwige jeugdboeken top tien. THE HATE U GIVE is zo'n boek.
Starr Carter is de hoofdpersoon. Ze woont in een getto-buurt, maar gaat naar een overwegend witte school. Daardoor leeft ze eigenlijk voortdurend in twee werelden. Dat gaat, met vallen en opstaan, maar alles wordt ondersteboven gesmeten wanneer een van haar beste vrienden door zinloos politiegeweld om het leven komt - waar ze bij is. Die gebeurtenis (helaas realistisch) is het vliegwiel voor een brandende mix van plot en psychologische worsteling. Hoe zwart ben je? Hoe wit ben je? Hoeveel wordt er in ons leven bepaald door kleur en door geld, en hoe kunnen we aan de tunnel die om ons heen lijkt te worden gebouwd ontsnappen?
Ik heb van dit boek geleerd, ik heb ervan genoten (Angie Thomas weet hoe ze échte mensen moet neerzetten, zeg, wowwww), ik heb er om gehuiverd en ik heb er toen nóg weer meer van geleerd. Je zou willen dat iedereen THE HATE U GIVE las. Om te weten wat er in ons gezichtsveld gebeurt, om over onszelf na te denken, om moed te scheppen en om vervoerd te raken. Dit boek heeft het allemaal en is dus niet alleen fenomenaal, maar ook belangrijk.

THE HATE U GIVE werd vertaald door Jasper Mutsaers.

vrijdag 5 mei 2017

OP ZOEK NAAR DE KAPITEIN - Jakob Wegelius (Clavis)

Het is een wonderlijk schrijver en tekenaar, die Jakob Wegelius. Na een graphic novel over de avonturen van een aap, en daarna, over dezelfde aap, nog eens een volumineuze roman, krijgen we nu een prachtig verhaal over een wonderlijk jongetje op een eenwieler (die ook een aap wordt genoemd, trouwens, door iemand in het boek). Dat jongetje is 'de kapitein' kwijt: de man bij wie hij in huis woont. Het verhaal doet verslag van de nachtelijke zoektocht van het jongetje naar de kapitein, die niet thuisgekomen is: is hij voorgoed vertrokken? Het hunkeren van Halidon (de hoofdpersoon), de prachtige figuur van het hondje dat hem komt helpen (het hondje spreekt) en de werkelijk schitterende, ontroerende afronding van het verhaal maken dit een van de bijzonderste uitgaves van dit jaar. Met tekeningen van de schrijver. Mis dit boek niet!

Dit boek werd vertaald door Sophie Kuiper.

NAAR HET NOORDEN - Koos Meinderts (Hoogland & Van Klaveren)

Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog werden kinderen uit het Westen van het land naar de Noordelijke provincies gebracht, omdat daar meer eten was. Ze kwamen bij gastgezinnen terecht, die soms wel en soms niet wisten wat ze aanmoesten met die nieuwe bewoners. Dit mooie nieuwe verhaal van Koos Meinderts (wat een sterke boeken maakt toch, het is elk jaar weer uitkijken naar zijn nieuwste) wordt verteld vanuit Jaap. Samen met zijn broertje Kees en zijn oudere zus Nel brengt ook hij een winter in Friesland door. De nabijheid (van de lezer bij Jaap) is wat dit boek zo sterk maakt, Meinderts slaagt er in om ons Jaap te laten zijn. In het missen, in het plezier, in de vervreemding, ver van huis, en in het vinden van zijn weg tussen heel christelijke gastouders en een niet altijd verwelkomende klasgenoot. Met sterke, mooi in blauw afgedrukte, tekeningen van - uiteraard - Annette Fienieg.


PODKIN EENOOR - Kieran Larwood (Gottmer)

Dit boek van Kieran Larwoord lezen is een beetje alsof je een nieuw boek van Paul Biegel leest, als het tenminste over het verhaal gaat: we zijn in een konijnenwereld. Een konijnenmaatschappij. Met clans en heersers, en, als hoofdpersoon, een bang konijntje dat een belangrijk strijder zal moeten worden. Want er is natuurlijk ook Echt Kwaad.
Het idee achter dit boek is natuurlijk klassiek, en niet vernieuwend, maar de vertelstijl is wat PODKIN EENOOR doet verschillen van andere verhalen. De verteller is namelijk een knorrige bard, die het verhaal van tijd tot tijd onderbreekt. Omdat hij vindt dat zijn gehoor (jonge konijntjes) niet goed luisteren, of omdat het verhaal een cliffhanger wel kan gebruiken, of omdat hij zin heeft in iets lekkers om te eten. Dat - en de onthulling aan het eind van het boek - maakt dat het heel plezierig lezen is in dit eerste deel van een trilogie. Nieuwsgierig naar deel twee.

De illustraties zijn van David Wyatt en het boek werd vertaald door Sofia Engelsman.

dinsdag 25 april 2017

HET HEEL GROTE VOGELBOEK - Bibi Dumon Tak (Lannoo)

Er zijn boeken waarvan je elke pagina kunt openslaan, en je vindt dan, waar je ook terechtkomt, altijd iets citeerbaars. Wacht, ik doe de test even met HET HEEL GROTE VOGELBOEK, ik sla het boek open... op bladzijde 30, het gaat hier over de fazant: 'Hij blinkt in het licht wanneer hij op de akker zijn vijand tegemoet stapt. Zijn fonkelgroene kop geheven, zijn wangen rood als kersenbloed.' Wacht, ik doe het nog eens... bladzijde... 57, de roerdomp. 'De roerdomp boert zijn treurige voorjaarslied door de ochtendnevel over de uitgestrekte wateren. Een liefdeskreet verpakt in lucht.' En zo kan ik doorgaan. Elk vogelportret is met Bibi Dumon Taks fijnste pen geschreven, het is met haar ruimste inzet onderzocht, bedacht en aan ons overhandigd. Dit ook in formaat grootse boek is een echo van het boek van Nozemann en Sepp (en degenen die het werk van hen hebben overgenomen) dat tweehonderdvijftig jaar oud is, maar de grootfaraoïste van de non-fictie voor kinderen biedt het ons aan in een frisse, frisse werveling aan. Leve Bibi Dumon Tak, leve het puttertje, de wilde zwaan en de knobbelzwaan, leve de ijsvogel en de waterral en alle anderen, we zullen ze nog beter horen en zien, want HET HEEL GROTE VOGELBOEK (perfect uit- en vormgegeven) heeft hun belang in ons leven vergroot.  

woensdag 12 april 2017

MIJN VRIEND CRENSHAW - Katherine Applegate (Querido)

Jackson is echt geen type voor een denkbeeldige vriend. Dat weet hij zeker. Maar in zijn leven duikt er wel regelmatig eentje op: een uit de kluiten gewassen kat die van surfen houdt. Jackson, een jongen van het tobberige soort, probeert de verschijning van de kat te verklaren - en die poging tot verklaren, dat is eigenlijk dit boek. Dat de ouders van Jackson en zijn kleine zusje Robin veel te weinig geld hebben om een normaal leven te leiden heeft daar natuurlijk mee te maken. Jackson en zijn zusje moeten zich mee laten slepen in plotselinge verhuizingen, en ook al proberen hun ouders er de moed in te houden, toch wordt het tijd dat Jackson zijn problemen onder ogen ziet. MIJN VRIEND CRENSHAW is een fantastisch boek. De personages zijn levensecht, de taal is fijn, de schrijfster (die we nog kennen van IK BEN EEN GORILLA) zet humor, ritme en plot meesterlijk in, en Jackson én de wijze Crenshaw zijn niet licht te vergeten. Het boek werd (zoals we van haar gewend zijn) geweldig vertaald door Annelies Jorna - zij maakt Applegate's zinnen ook in het Nederlands bijzonder smul- en citeerbaar.

vrijdag 7 april 2017

ALLE DIEREN DRIJVEN - Gideon Samson & Annemarie van Haeringen (Leopold)

Annemarie van Haeringen maakte een boek over het bijbelverhaal van Noach voor een Duitse uitgeverij. Maar voor haar Nederlandse uitgever schreef Gideon Samson er een heel andere tekst bij. En dat is heel erg fijn, want het boek blinkt nu dubbel uit. De prachtige grondstructuren, het olifantenhuidgrijs,de buffels (en de okapi's!) de dieren die uit een dakraampje van de ark uitkijken naar nieuw land - het is allemaal even prachtig. Gideon Samson schreef een intrigerende tekst, met ritme en humor, verteld vanuit een toekijkende god. De god beziet wat Noach doet met al bijna net zulke onwetende ogen als het voorgelezen kind. Maar het boek eindigt met de prachtige zin: 'Ik begon te stralen'. En dat is wat veel kinderen en hun ouders ook zullen doen als ze dit boek te lezen en te bekijken krijgen.

WE HEBBEN EEN HOED - Jon Klassen (Gottmer)

Alles wat Jon Klassen doet is goed. En het meest geldt het misschien wel voor zijn eigen boeken, die waar hij ook de tekst voor schrijft. WE HEBBEN EEN HOED completeert de hoed-trilogie, die begon met IK WIL EEN HOED en DEZE HOED IS NIET VAN MIJ. En ze zijn alle drie even sterk (wat op zich al een wonder is bij een trilogie). Ze blinken uit in eenvoud van beeld en eenvoud van tekst. Daarbij is de verteltoon zo heerlijk - ook nu weer. In drie episodes word je laconiek deelgenoot gemaakt van twee schildpadjes die een hoed vinden. Maar er is een probleem, want ze zijn  met z'n tweeën en er is maar één hoed. Door het simpele verhaal heen straalt een interessante overweging over wat vriendschap is. Kinderen die het verhaal voorgelezen krijgen, zelfs héél kleine kinderen al, zullen de nuances hiervan meekrijgen. Opnieuw een mirakel van een boek dus.

Dit boek werd vertaald door J.H. Gever.

In deze leestip wil ik ook nog even een onvertaald boek noemen: HOUSE HELD UP BY TREES. Een zorgvuldige natuurvertelling, geschreven door Ted Kooser, over hoe een verlaten huis langzaam door scheuten van bomen omringd wordt en later door de takken van die bomen zelf opgetild wordt. Een kalm en toch ook belangrijk verhaal. Het is prachtig getekend door Klassen. De beelden zijn monumentaal en warm en rustig tegelijkertijd. Een pleidooi voor het kijken. Ik hoop dat dit boek toch ook ooit nog eens vertaald wordt.

STELLA, STER VAN DE ZEE - Gerda Dendooven (Querido)

Genomineerd voor de Woutertje Pieterse Prijs, en inderdaad een heel mooi samenspel van tekst en beeld: STELLA, STER VAN DE ZEE, door Gerda Dendooven. Het verhaal prikt herinneringen aan in zee drijvende kinderen wakker, en dat is geen fijn beeld. Toch is de redding van baby'tje Stella in dit boek gelukkig juist wel met liefde omgeven. Ze groeit op bij ouders die van haar houden, en zoekt uiteindelijk haar eigen pad.
De platen zijn prachtig. Het zachtroze van het baby'tje, het wier en de zeesterren om haar lijfje (op pagina zes), en dan die sterke zwarte hond ernaast: een heel mooi contrast. Ook de andere mensfiguren én de dierfiguren zijn van een kracht die je alleen bij Dendooven kunt zien.

vrijdag 31 maart 2017

EEN MANN - Rindert Kromhout (Leopold)

Hij is onze eigen chroniqueur, Rindert Kromhout, en ik hoop dat hij dat nog lang is. Net zoals ik genoot van zijn trilogie die speelde in de kunstenaarskring rond Virginia Woolf (SOLDATEN HUILEN NIET, APRIL IS DE WREEDSTE MAAND en VERTEL ME WIE WIJ WAREN), zo genoot ik van het eerste boek van dat wat hopelijk een nieuwe trilogie gaat worden: EEN MANN. De hoofdpersoon is dit keer de jonge Klaus Mann, oudste zoon van schrijver Thomas Mann. Zelf is hij ook druk bezig om schrijver te worden, maar de schaduw van die vader ('de tovenaar') is diep en zeer aanwezig. Dat het boek nergens werkelijk zwart wordt komt door de heerlijke omgang tussen de verschillende leden van het gezin Mann. Oudere zus Erika en Klaus zijn twee handen op één buik, en heel mooi is ook de langzaam zichzelf wordende jongere broer Golo (hopelijk krijgt die een eigen boek). Het sterkste is misschien wel dat het zoals altijd fijne lezen dat dit boek teweegbrengt dat we tegelijkertijd óók veel te weten komen van de tijd in Duitsland rond de opkomst van het nationaal-socialisme. Kromhout doet opnieuw iets heel speciaals binnen de Nederlandse jeugdliteratuur (dit doet niemand hem na) en ik zeg het nog een keer: ik hoop dat hij het nog lang zal doen. 

donderdag 2 maart 2017

STUKJES HEMELBLAUW - Sue Durrant (Meis & Maas)

Vanaf het eerste moment leef je mee met Ira en Zac. Ze zijn ouderloos en na veel omzwervingen komen ze in het Skilly-huis terecht. Daar hebben ze het relatief goed. In dagboekvorm vertelt Ira van elf over de andere kinderen uit het huis, over de volwassenen die voor hen zorgen, maar onder al haar verhalen ligt een pijnlijk verlangen. Naar een huis, een écht huis, met mensen die je familie kunnen zijn. Ira is zo'n meisje dat het leed van iedereen om zich heen opvangt en wil leren begrijpen. Je wenst haar en haar onstuimige broertje dan ook alles wat ze wensen. Op een dag mogen ze op vakantie, bij de oudere lerares Martha. Vanaf dat moment verandert hun leven. STUKJES HEMELBLAUW is warm en menselijk. Het heeft oog voor alle personen in het boek, tot en met de strenge directrice. Dit boek is een debuut, en dat maakt het extra bijzonder, want STUKJES HEMELBLAUW is eigenlijk óók meteen al een klassieker.  

Dit boek werd vertaald door Nan Lenders.

donderdag 23 februari 2017

FRITZI EN DE RAZENDE SCHOEN - Catharina Valckx (Gottmer)

Er zijn maar weinig schrijvers en tekenaars die zo goed wegkomen met geinig absurdisme als Catharina Valckx. Ook in haar nieuwste boek, FRITZI EN DE RAZENDE SCHOEN, weer. Fritzi is een dame die op pad gaat en een klein rennend olifantje tegenkomt. Maar ook een slak die twee stoelen bezit (maar geen huis) en een gemene, rennende schoen. Het doet hier en daar een beetje denken aan het vroege werk van Wim Hofman, al is dit een korter en daardoor misschien ook wat toegankelijker verhaal. De tekeningen zijn al even vanzelfsprekend en helder als de tekst. Een fijne nieuwe Valckx, vooral ook met die venijnig-vrolijke laatste bladzijde.

woensdag 8 februari 2017

DIT BOEK IS VOOR JOU - Sanne te Loo (Lemniscaat) en IK WIL EEN LEEUW! - Annemarie van der Eem & Mark Janssen (Lemniscaat)

Twee nieuwe, grote prentenboeken bij Lemniscaat, en twee keer kijkgenot.
In DIT BOEK IS VOOR JOU vertelt Sanne te Loo het verhaal van de ontmoeting van een jongetje met een oude kunstenaar (Anselmo). De kunst en het schilderen verbindt hen. Het is een groot plezier om in deze wereld, door Te Loo geschapen, binnen te mogen stappen. Met ruim kleurgebruik en brede taferelen betovert ze de kijker. De laatste plaat, inclusief schilder en tapir en panter en schildpad en lopende tubetjes verf, is ronduit heerlijk.
Ook in IK WIL EEN LEEUW! gaat het om voorstellingsvermogen. De kleine hoofdpersoon ziet allerlei dieren voor zich die hij wel als huisdier zou willen hebben. Van tijgers tot apen tot nijlpaarden en geiten. Dat levert fantastische spreads op waarin het jongetje zichzelf op de rug van een papegaai of onder de sik van een geit denkt. Die platen zijn afgewisseld met binnenhuis-taferelen. Die platen zijn misschien nog fijner: rekken met potten en pannen en glazen boven een fornuis, de krul van een majestueuze trap - dat soort platen zagen we nog niet veel van Mark Janssen, en ze overtuigen met een flinke kleur- en ensceneringskracht.    

DE LOVEBUS - Tjibbe Veldkamp (Querido)

Wat willen we, als we een boek openslaan en beginnen te lezen? Aan onze bretels erin gesleurd worden. Wat willen we als we verder en verder komen in een boek? Dat het verhaal zich verdiept en dat we van de personages gaan houden. Dat gebeurt allemaal in het geweldige DE LOVEBUS van Tjibbe Veldkamp.
Veldkamp trekt ons mee naar een bijzondere tijd (de jaren zeventig) en naar een bijzondere plaats (het platteland van Groningen). Daar speelt zich het verhaal van DE LOVEBUS af, in de loop van enkele uren. Veldkamp beheerst het uitgooien van spanningsvisjes volledig - zo weten we aan het begin dat er mensen vermoord zullen worden, dat er iets fataals gebeurt, maar we weten niet wíé en we weten niet wannéér of hoe. Heel langzaam, met stapjes vooruit en achteruit, voert de schrijver ons naar het eind.
En dat gebeurt allemaal in knisperheldere taal. Er is geen vaagheid, maar er zijn wél nuances. Er is streektaal (Gronings), en dat maakt het verhaal niet moeilijker, maar échter. Er is een keur aan personages, maar we volgen ze stuk voor stuk, hoe klein hun rol ook is.
Er zijn dus veel redenen om van dit boek te houden. Als een boekenjaar zo aanvangt, is het meteen al geslaagd.

zaterdag 21 januari 2017

LICHAAM VAN LICHT - Jelmer Soes & Sanoj (Querido)

Heel, heel verheugend: er is een nieuw boek verschenen in de Slash-reeks. Jelmer Soes, die we kennen van zijn debuut RISK van een paar jaar geleden, schreef een boek over gameverslaving. Wat de Slashboeken betreft ben ik uiteraard enigszins bevooroordeeld, maar ik ben oprecht zeer enthousiast over deze mooie nieuwe roman. Slashboeken hebben meestal één jonge co-auteur, maar dat ligt bij dit boek anders. Sanoj bestaat uit verschillende personen, en Jelmer Soes legt in zijn nawoord heel goed uit waarom. Dat juist een boek dat gaat over het hebben van een tweede, digitaal leven en het hebben van een alias in een virtuele wereld een meerlagige, deels afwezige co-auteur heeft is niet meer dan passend. Het boek zelf voert je stap voor stap dichter in het hoofd van Jonas/Sanoj, met elke bladzijde beloop je een net weer wat ander level en dat dat zo subtiel en gedetailleerd gebeurt is de grote verdienste van de schrijver. Het allerknapste aan dit boek is misschien dat het eind niet eenduidig is en dat je ook na het dichtslaan de vele kanten die er aan het gamen zitten meeneemt. Een boek dat actueel is, dat je kennis laat maken met een wereld die je nog niet kende en dat je vervolgens tot nuances brengt: dat is een zeer puur Slash-boek. Een aanwinst voor de reeks. 

BIJENVADER - Esther Sprikkelman (Lemniscaat)

Esther Sprikkelman schreef haar eerste boek - een mooie jeugdroman. Hoofdpersoon is Johanne, die met haar vrijgevochten moeder Kat en haar ingekeerde broertje Paulie naar een dorp in het oosten van Nederland verhuist. Daar maakt ze kennis met de jongeren van haar leeftijd: de wilde Dora, de broers Leendert en Witte en vooral de betoverende Henrico. Wat volgt is een gloeiend liefdesverhaal dat eindigt in een mysterieuze tragedie. Sprikkelman schrijft heel zintuiglijk. Vooral als het over de nieuwe interesse van Paulie gaat (het leven en werken van bijenvolken) ruiken we de zomergeuren. Tijdens het navertellen van wat er gebeurd is (door Johanne) horen we trouwens ook de soundtrack die past bij de tijd waarin het verhaal zich afspeelt (de jaren tachtig van de vorige eeuw). Behalve door de mooie, aftastende manier van schrijven wordt dit boek ook gedragen door een bijzonder plot, dat helemaal om aangetaste liefdes draait. Al met al is BIJENVADER een boek om in weg te zinken en dus: een debuut dat telt.