dinsdag 26 december 2017

IK BEN VINCENT EN IK BEN NIET BANG - Enne Koens (Luitingh-Sijthoff)

Vincent weet alles van overleven. Hij draagt een blikje onder zijn kleren met daarin alles wat hem in het uiterste geval zal moeten redden. Helaas is een groot deel van zijn leven zo'n 'uiterste geval': hij wordt enorm gepest. Dat gaat er niet zachtzinnig aan toe, maar behalve van de pestkoppen heeft Vincent ook last van veel te goedgelovige ouders, die in al zijn smoesjes trappen. Vrijwel niemand weet dus hoe hij eraan toe is. En het schoolkamp in de Ardennen komt dichterbij. Vincent zal al zijn overleefkennis nodig hebben.
Er is één lichtpuntje: het nieuwe meisje dat in de klas komt. Jasmijn (die 'De Jas' genoemd wil worden) doet niet aan makkelijke populariteit en wat er dan volgt is het mooiste deel van het boek: het moment dat Vincent wegvlucht uit het kamp en twee nachten buiten in het bos doorbrengt. Waarvan, gelukkig, één met Jasmijn. Tijdens die tweede nacht komt ze achter Vincents waarheid, en dan zegt ze twee prachtige dingen, allereerst: 'Cool is maar een trucje, Vince, ik kan het je zo leren' en vooral: 'Normaal is wat iedereen dénkt dat de meeste mensen normaal vinden.' Met dat soort schijnbaar achteloos in de tekst meegenomen wijsheden toont Enne Koens niet alleen aan dat ze een prachtig realistisch verhaal kan vertellen, maar ook dat ze van haar boek allengs een écht hulpboek weet te maken. Hier hebben kinderen die in dezelfde positie als Vincent zitten werkelijk wat aan. Waardevol boek, met mooie vormgeving en tekeningen van Maartje Kuiper.


VOOR PAPA - Daan Remmerts de Vries & Marije Tolman (Hoogland en Van Klaveren)

Het omslag is al wonderschoon: we zien een tekening in een kader waarop een meisje aan een schooltafeltje zit met voor zich een plantenpot waaruit een rode uitheemse plant groeit, met takken waarop een toekan en rode ibissen zitten. Verderop zien we tijgers slapen, neushoorns lezen en papegaaien mijmeren, alles tussen de wonderlijke groeisels én de kleuterstoeltjes in. De belettering staat in een schrijfletter op een wit vlak dat een afgescheurd briefje lijkt: een prachtige keuze.
Als we het boek openslaan blijft het wonderschoon. Op elke spread tekent Marije Tolman bij het rijmende verhaal (dat vertelt van de kleine Lynn die zeker weet dat haar vader als zij op school zit elders grootse avonturen beleeft) steeds twee grote ingekaderde platen, met op elke pagina een nieuwe hoofdkleur. Er groeien planten tot in de fantasiehemel, er lopen vossen en apen en leeuwen en pandaberen rond, en het doet je steeds maar denken: ik wil dáár zijn, daar waar zich dit soort planten en blije dieren bevinden. Je wilt via Lynns fantasie op de plek van Marije Tolmans fantasie zijn. Er zijn overigens kleine lijntjes naar Tolmans andere boeken (de schildpad uit Doei!, de lezende dikhuiden uit haar eigen Het boek), maar VOOR PAPA is toch vooral ook heel nieuw, want ja, dit boek van Marije Tolman is wéér groots.
 

BETTIE & HARRIE IN 13 ONGELUKJES - Anna Vercammen & Sabien Clement (De Eenhoorn)

Er zijn natuurlijk veel meer broer-zus-duo's in kinderliteratuurland, maar zo onverbloemd als Bettie (de oudste) en Harrie (haar kleine broertje) zien we niet vaak. Schrijfster Anna Vercammen dook honderd procent in haar vrolijke hoofdpersonen en schuwt niks. Dus: zowel snot als scheetjes als genitaliën komen langs, precies zoals dat ook voor jonge kinderen allemaal nog niet beladen is. Vooral Bettie is onbevreesd en dus monden de verhalen regelmatig uit in gebuitel en valpartijen. Met dit montere en bij vlagen heel geestige boek maakt Vercammen nieuwsgierig naar meer verhalen van haar hand. Sabien Clements tekeningen buitelen blij mee!
 

maandag 25 december 2017

WAS DE AARDE VROEGER PLAT? - Bette Westera & Sylvia Weve (Gottmer)

Bette Westera en Sylvia Weve maakten al eerder, met vormgeving van de Bocktings, boeken als IK LEER JE LIEDJES VAN VERLANGEN EN AAN JE APENSTAARTJE HANGEN, AAN DE KANT, IK BEN JE OMA NIET! en het veelgeprezen en -bekroonde DOODGEWOON. Dat waren groot formaat poëziebundels, uitbundig geïllustreerd en bijeengehouden door een thema. Dat is allemaal ook het geval in WAS DE AARDE VROEGER PLAT? Deze verzen beginnen allemaal met een vraag, en in de inleiding staat 'vragen die vragen om iets wat dartel om ze heen kan draaien zoals de aarde eeuwig om zijn as', en met die verwoording wordt ook meteen duidelijk wat het gezamenlijke onderwerp van de vragen uit de gedichten is: tijd en leven. In zeker zin is WAS DE AARDE VROEGER PLAT? daarmee de tegenhanger van DOODGEWOON. Het spartelt hier van de levenslust en van de wil tot onderzoeken. In zesendertig ritmische, metrische, rijmende verzen zet Westera ons een vlekkeloze bundel voor waarin Annie M.G. Schmidt nooit veraf is (vooral in Kan de ruimte vol raken? waarin een Schmidtachtige figuur wordt voorgesteld: Robbert Jan van Rintintin). Sylvia Weve leverde prachtige platen waarin bijvoorbeeld de veelheid aan standpunten opvalt, ze zoomt naar hartelust in en uit, laat ons als een vogel over de scène scheren of zet ons op gelijke hoogte naast twee paginagrote luizen. Daarmee geeft ze ongemerkt óók antwoord op vragen, vragen waarvan je soms niet eens wist dat je ze had. Dat weet dit boek dus te bereiken, in tekst én beeld.

zaterdag 23 december 2017

PAUL POIRET, DROMEN VAN DE ORIËNT - Enzo Pérès-Labourdette (Leopold/Gemeentemusem Den Haag)

In de onvolprezen kunstprentenboekenreeks van uitgeverij Leopold en Gemeentemuseum Den Haag mocht dit jaar debutant Enzo Pérès-Labourdette een boek maken over modekoning Paul Poiret. Pérès-Labourdette won een stimuleringsprijs van de Fiep Westendorp Foundation (ook onvolprezen) en kon op die manier onder andere werken aan dit eerste prentenboek. Hij maakt er een entree mee die mag tellen: de spreads zijn exuberant, maar niet té (in het hele boek ontbreekt de kleur blauw, wat het palet interessant maakt), de opbouw van de brede scènes is indrukwekkend. De stadscènes vind ik prachtig, en het is bewonderenswaardig hoe deze tekenaar niet alleen raad weet met de weelderige, ronde vormen van de couture van Poiret, maar ook uitblinkt in zijn weergave van de architectuur. Het is heerlijk staren naar de prent van de daken van Parijs, met overal schoorsteentjes en ramen, al dan niet met luiken ervoor, in de lucht zeppelins en luchtballonnen, en op de achtergrond: de Eiffeltoren in aanbouw. Binnenkort verschijnt zijn tweede prentenboek alweer, dit keer over een boompje in het hoge noorden (de titel zal zijn WAT IK DE BOMEN WIL VERTELLEN), dus we kunnen alleen maar reikhalzend uitkijken.

vrijdag 22 december 2017

HET KOEIENPARADIJS - Bibi Dumon Tak & Hans van der Meer (Querido)

Het is een warm en kwetsbaar samenlevinkje, daar op 'De Leemweg', het toevluchtsoord voor koeien en stieren die bijzonder zijn, die rust verdienen (al verdienen alle koeien en stieren dat natuurlijk), die in een wei vol liefde naar de dag dat de dood naast hen komt staan worden gebracht.
Hans van der Meer maakte foto's waar de persoonlijkheid van de bewoners van De Leemweg vanaf springt. Schuchter kijken ze je aan, de dames, of stoer, of wantrouwig, of gelukkig. Maar voortdurend: aanwezig. De foto's zijn niet alleen ontiegelijk mooi, maar ook ontiegelijk scherp. We kunnen de koeienhaartjes tellen en de vliegen aanwijzen. De kraakheldere vormgeving van het boek helpt natuurlijk ook: die is weer van de altijd overtuigende Steef Liefting.

Bibi Dumon Tak schreef met dit boek de definitieve Koeienmonologen - nee, serieus: hoe prachtig zou een voorstelling zijn met de beelden van Van der Meer en de ik-verhalen die Bibi maakte vanuit Claartje, Viktoria, Sjoukje, Lucky en Tolbert (om er maar een paar te noemen). Hoewel ze nergens een koe, stier of os flauw vermenselijkt, begrijp je na dit boek dat het in een dierenleven even sterk als in dat van onszelf gaat om gezien worden. Om rust, om liefde, om vriendschap. Hoe verschillend ieders karakter ook, of het nu weispringers of zandliggers zijn, uiteindelijk blijkt uit HET KOEIENPARADIJS dat ieder dier zich een verhouding tot de dood moet voorstellen. Dat is dan ook waarom HET KOEIENPARADIJS zo geweldig is: het doet ons een samenleving voor. Het toont ons in prachtige, belangrijke, toegankelijke verhalen hoe zorg (voor mensen, voor dieren) ons naar het paradijs kan leiden. 

NIEMANDS MEISJE - Lydia Rood (Leopold)

Lydia Rood (een van onze allerbesten) schreef opnieuw een verrassend jeugdboek. NIEMANDS MEISJE is het verhaal van een meisje dat door haar hele gezin en door al haar vrienden verlaten lijkt, al dan niet door haar eigen toedoen. Maar is haar eigen toedoen wel haar eigen toedoen?
Het bijzondere van deze jeugdroman is dat het één lange therapiesessie is. Het bestaat uit transcripties van de gesprekken die Liesbeth met haar therapeute heeft (nadat Liesbeth is opgenomen), uit een paar eigen notities en uit verslagen van de groepstherapiesessies waar ze aan deelneemt. Daarmee is het een boek als geen ander. Maar dat unieke gevoel zit 'm eigenlijk óók nog in iets anders - al lezende leren we Liesbeths verhaal steeds beter kennen, maar al lezende switchen we zelf ook steeds van idee en van mening. Knap is ook dat het eind- 'oordeel' na de laatste bladzijde even veelzijdig blijft als de vele kanten die aan Liesbeths verhaal zitten.

zondag 17 december 2017

BINNENSTE BINNEN - Jan Paul Schutten & Arie van 't Riet (Gottmer)

BINNENSTE BINNEN hoort bij de buitenste buitenbeentjes van dit jaar: het is een dierenboek als geen ander. Er staan geen tekeningen in, maar foto's. En dat zijn dan weer geen gewone foto's, maar röntgenfoto's! Van 't Riet werkte in een ziekenhuis en hielp daar röntgenfoto's maken, maar toen het apparaat overbodig werd nam hij het, na voorzorgsmaatregelen en toestemming, mee naar huis en begon foto's te nemen van dieren. Ja, röntgenfoto's dus. En dat werden de beeldende aanleidingen voor Jan Paul Schutten om de dieren ook in tekst te ontleden. Elke spread is een fijn klein college. We kijken naar de uitzonderlijke, bijzondere foto en horen/lezen Schuttens uitzonderlijke, bijzondere toelichting. Met dit mooie beeld en deze sterke tekst is BINNENSTE BINNEN, ook nog eens door de heldere vormgeving van Steef Liefting, een boek geworden waarin de dieren getoond worden zoals we ze nog nooit zagen. Ik zei het al: een boek als geen ander. 

donderdag 23 november 2017

KLEINE NACHTVERHALEN - Kitty Crowther (De Eenhoorn)

Een nieuw boek van Kitty Crowther is altijd een juichwaardig iets. Maar nu krijgen we maar liefst drie verhalen in één: Kleine Beer vraagt elke avond om dezelfde drie slaapverhaaltjes, en Mama Beer vertelt die met plezier. Het is een warm ritueel waar we getuige van zijn en de beerfiguurtjes zijn prachtig. Maar de drie slaapverhalen zijn nog mooier. Ze zijn grappig en geruststellend, maar ook fijn geheimzinnig - omdat ze in de nacht spelen en over het wonderbaarlijke fenomeen van de slaap gaan. Het zinnetje: 'Kies een ster, die brengt je naar morgen' is bijvoorbeeld zo mooi. Bezwerend ook, bijna. Ik ben heel enthousiast over dit boek, ook vanwege de tekeningen natuurlijk - die op zich ook net weer een tikje anders zijn, omdat de sterkste kleur een bijna fluo-roze is. Enfin: heel mooi boek dus, met kenmerken van een bedtijdklassieker.

Dit boek werd vertaald door Siska Goeminne.

KONIJNENTANGO - Daan Remmerts de Vries & Ingrid & Dieter Schubert (Hoogland & Van Klaveren)

In dit wonderschone boek van Ingrid & Dieter Schubert (op idee van Daan Remmerts de Vries - het boek kent verder geen tekst) dartelen twee zwaarverliefde konijnen om elkaar heen. De een draagt een stropdas, de ander een rode ketting. Ze verlangen naar elkaar, zijn extatisch blij als ze de ander in de verte aan zien komen, ze dansen en draaien om elkaar heen, ze springen in elkaars armen en ze slingeren elkaar de lucht in. Heel even krijgen ze gezelschap van een kikkerpaartje, maar voor de rest is alles gericht op de liefdestango van deze twee. Het boek is een omdraaiboek, en kan dus vanuit twee richtingen bekeken worden. Zo gaat het ook in de liefde: je zit samen in één verhaal, maar behoudt beiden je eigen kijkrichting.
Het boek bevat een prachtige uitsnede uit een liefde, zonder dat er een scherp omlijnde plot is. Juist dat is zo goed - zo kan het boek steeds opnieuw bekeken en geïnterpreteerd worden. KONIJNENTANGO is een van de mooiste prentenboeken van het jaar.


woensdag 25 oktober 2017

JAAP WON EEN PRIJS - Imme Dros & Harrie Geelen (Querido)

Een nieuw prentenboek van het duo Dros/Geelen is altijd iets om naar uit te zien. Sinds hun allereerste samenwerking aan het eind van de jaren zeventig (met, volgens mij, HET PAARD RUDOLF) zijn er talloze boeken verschenen, altijd rijk van taal en rijk van beeld. Ditzelfde geldt voor het net gepubliceerde JAAP WON EEN PRIJS. Iedereen is trots op kleine Jaap, hij krijgt post waarin aangekondigd wordt dat hij een prijs gewonnen heeft. Hij wordt gefêteerd, maar zelf wordt hij er alleen maar onzeker van. Want waarvóór won hij die prijs dan?
De heerlijk te voorlezen zinnen worden geëvenaard door een al even kleurrijke verbeelding door Harrie Geelen. Dat begint al op de prachtige paars-blauw-bruine schutbladen, die je al meteen doen denken: ik wou dat ik hier een behang van had! Wat ook opvalt: de sterke combinatie van Geelens werk met de tekeningen van kleine Jaap zelf. Op de eindplaat bijvoorbeeld. Ronduit ontroerend.

HET BOEK - Marije Tolman & Ronald Tolman (Querido)

Een groot formaat tekstloos prentenboek, in navolging van hun eigen HET EILAND en DE BOOMHUT: nu is er HET BOEK. Opnieuw maakte Ronald Tolman intrigerende etsen en voegde Marije daar kleur, landschap en dieren aan toe. De 'hoofdpersoon' is een lezend olifantje. Hij is zo verdiept in zijn boek dat wat om hem heen gebeurt er niet toe lijkt te doen - lijkt, want misschien is wat om hem heen gebeurt wel dat waar hij over leest? Of misschien verandert zijn lezen wel alles om hem heen? Misschien verandert lezen je wereld? Als dat waar is, en het is waar op de manier die Ronald en Marije Tolman ons tonen, dan is dat een zegen voor de wereld. Want - en dat is ook al zo spannend aan dit boek - is het dan niet ook zo dat het de mensen/dieren óm de lezer heen op een prachtige manier verandert? Is dat niet wat we zien op de laatste adembenemende prenten van HET BOEK?

zondag 22 oktober 2017

DINO'S BESTAAN NIET - Mark Janssen (Lemniscaat)

Het tweede door Mark Janssen getekende én geschreven grote prentenboek is er! Na het geweldige NIETS GEBEURD is er nu het even geweldige DINO'S BESTAAN NIET. Twee jongetjes, Tim en Jesse, gaan met een zaklantaarntje in een nachtelijk bos op zoek naar een 'zogenaamde dinosaurus'. Jesse denkt overal verdachte vormen te zien, maar hij wordt voortdurend overruled door Tim, die voorop loopt. Totdat ook hij moet toegeven dat...
In het boek staan vijf dubbele uitklapplaten, waarop het werkelijk verbluffend schitterende nachtbos te zien is. Met diepe groene en blauwe verf en met een heel sterk spel met lichtbronnen doemt een woud op waarin elke stam ook een dinopoot kan zijn, elke boomkruin een nog net niet opengesperde dinobek. De platen zijn sfeervol, maar ook spannend. En dat ze uitmonden in een kleine scène bij een mooi vormgegeven huis, in veilig licht, doet niet af aan de heerlijke dreiging. Een dreiging die vanuit je eigen fantasie over je heen zou kunnen vallen en die je soms alleen met een feit kunt proberen tegen te houden: dat dino's niet bestaan, bijvoorbeeld. Toch?

LAND IN ZICHT! - Pieter Gaudesaboos & Brunhilde Borms (Lannoo)

LAND IN ZICHT! is in geen enkel opzicht een traditioneel boek. Het is weliswaar voorzien van een stevige hardcover, maar op het omslag staat 'doeboek'- en als zodanig is het vooral familie van de vakantieboeken die we vroeger bij een abonnement op jeugdbladen cadeau kregen. De bladzijden zijn ingebonden, maar worden ook bijeengehouden door een stevig elastiek. En we treffen nog voor de eerste bladzijde al een bonte poster aan met allerlei figuurtjes die uitgeknipt dienen te worden. Dat moet dan gebeuren tijdens het ontwerpen van een eigen eiland. Want dat is de inzet van dit heerlijke artefact: zeven kinderen krijgen de kans om het eiland van hun dromen te ontwerpen. In even zovele hoofdstukken dienen daartoe opdrachten voltooid te worden. Bijgestaan door steeds weer een andere raadgever (die je, heel modern, na elk hoofdstuk ook sterren toe moet kennen, al naar gelang je tevredenheid over hun hulp) kun je verkeersborden ontwerpen, vlaggen bedenken, nationale gerechten verzinnen en feestdagen benoemen. Tussendoor zijn er extra opdrachten, zoals labyrinthen of zoekplaten. Dat alles is uitgevoerd in de prachtige vormgeving van Gaudesaboos, met de hem kenmerkende aanstekelijke mix van jaren vijftig/zestig-design en kleurrijke digitale patronen. Het ziet er allemaal schitterend uit, en begeleid door de vrolijke teksten van Brunhilde Borms is dit voor alle kinderen een heerlijke knutsel- en leestijdsbesteding. 

donderdag 12 oktober 2017

SCHILDPADDEN TOT IN HET ONEINDIGE - John Green (Gottmer)

Zes jaar lang werden de verwachtingen opgebouwd - zes jaar lang na het krankzinnige succes van EEN WEEFFOUT IN ONZE STERREN. Afgelopen dinsdag verscheen, wereldwijd, dan TURTLES ALL THE WAY DOWN, bij ons - opnieuw in een prachtige, heerlijk lezende vertaling van Aleid van Eekelen-Benders - getiteld SCHILDPADDEN TOT IN HET ONEINDIGE. Laat ik het maar meteen zeggen: alle verwachtingen worden waargemaakt en misschien wel overtroffen.

Natuurlijk zijn er de bekende John-Green-ingrediënten (wetenschap, filosofie, hoogintelligente hoofdpersonen), maar ik denk dat ik me niet vergis als ik zeg dat die dit keer in een grotere dichtheid gepresenteerd worden. Er is nog altijd humor (die in dit boek van de beste vriendin van hoofdpersoon Aza komt), maar het zwaartepunt is vooral de uitzichtloosheid van de mentale ziekte van Aza: dwanggedachten over bacteriën. Green schrijft hier zo met kennis van zaken over, met zoveel invoelingsvermogen en met zoveel diepte dat de passages waarin Aza's ziektestem het wint van haar 'gezonde' stem heel beklemmend zijn, en je even niets anders kunt dan het boek wegleggen.

SCHILDPADDEN IN HET ONEINDIGE is intelligent en gelaagd, onvoorspelbaar en realistisch - Green gaf het boek bijvoorbeeld geen makkelijk hoopvol einde én geen makkelijk zwart einde. De metaforen (zoals die waar de titel vandaan komt) zijn krachtig, er is zoveel in de roman dat je niet eerder zo las, de plot is aanwezig, maar - heel prettig - niet van groot belang, en alles vertrekt vanuit de vraag: ben je je eigen auteur? Schrijf je je dagen uit en loop je ze dan achterna? Is Aza fictief, is iedereen fictief? Fundamentele vragen, en het knappe van Greens zesde roman is dat je er geen mentale ziekte voor hoeft te hebben om die vragen zich toch te laten vermengen met die van jezelf. Over dit boek raak je niet snel uitgedacht, en het zal voor heel veel jongeren, overal in de wereld, een heel belangrijk boek zijn.
Ja, na die zes jaar is het duidelijk voor mij: met SCHILPADDEN IN HET ONEINDIGE sluit Green aan bij zijn eerdere werk, maar trekt tegelijkertijd zijn oeuvre naar nog essentiëlere gronden.

Dit boek werd in korte tijd, maar zeer consciëntieus én soepel, vertaald door Aleid van Eekelen - Benders.

zaterdag 7 oktober 2017

KUNST? - Ted van Lieshout (Leopold)

Naast zijn heel sterke nieuwste dichtbundel ONDER MIJN MATRAS DE ERWT kwam er nóg een boek van Ted van Lieshout uit: KUNST? Het is een kleine ode aan Marcel Duchamps FONTEIN (je weet wel, het tentoongestelde urinoir) geworden, die begint met deze zinnen: Dit is kunst. Welnee, het is een urinoir! In deze dialoogvorm, in heel helder en mooi vormgegeven zwarte, rode en witte tekstvlakken en letters, gaat Van Lieshout verder. De vragen die inderdaad al een eeuw lang opkomen bij het zien van dit kunstwerk worden door Van Lieshout gesteld én beantwoord. Het is alsof we met een bevlogen Leraar Kunst Die Ook Dichter Is om Duchamps fonteinurinoir staan en alles mogen zeggen wat in ons opkomt. En als we naar de volgende zaal gaan, naar het volgende museum, naar de volgende reproductie in een boek over kunst, lopen we een klein beetje verender. Want er is een dakraampje in ons hoofd opengegaan en nu waait het daar frisjes naar binnen.

vrijdag 6 oktober 2017

TORI - Brian Elstak & Karin Amatmoekrim (Das Mag)

De drie kinderen van Jean-Michel Tortoise - ze heten Cel, Bones en Zi - krijgen een belangrijke opdracht: ze moeten het boek met verhalen dat hun vader schreef (tori's) naar uitgever Lennox brengen. Maar dat is geen ongevaarlijke klus: onderweg wachten nare katachtigen, verraderlijke ratten en zelfs een draak.
TORI, het eerste kinderboek dat bij uitgeverij Das Mag verscheen, is een daverend verhaal. De gebeurtenissen buitelen over elkaar heen en aan het einde wordt zelfs een vervolg beloofd. Het meest geweldige aan dit boek zijn trouwens de tekeningen. Die zijn robuust en kleurrijk, met prachtige vergrotings- en verkleiningseffecten. Zowel de houdingen en gezichten van de kinderen alsook de gearceerde hulpdieren die Bones tekent met zijn potloodzwaard zijn prachtig (kan me voorstellen dat dit boek op gaat vallen bij de Penseeljury volgend jaar). Het gekozen papier en het schitterende design (van Lyanne Tonk, omslag van Dewy Elsinga) versterken dat ook nog eens heel mooi.

donderdag 5 oktober 2017

NIET THUIS - Jacques Vriens (Van Holkema & Warendorf)

Het nieuwe boek van meesterverteller én vertelmeester Jacques Vriens heet NIET THUIS en het is een van zijn allerbeste. Het gaat over een groepje van zeven kinderen die in een leefgroep verblijven, omdat ze om verschillende redenen niet thuis kunnen wonen. Het voortbestaan van de leefgroep wordt door bezuinigingen bedreigd en daartegen bedenken de zeven een uitzonderlijke actie. Het boek is spannend en niet voorspelbaar. Het verhaal is goed gebalanceerd en rust op een mooie manier in de werkelijkheid van dit deel van de hedendaagse Nederlandse jeugdzorg. Maar het allersterkst is toch wel de dynamische weergave van dat groepje. De kinderen zijn zo levensecht en reageren op zo'n geloofwaardige manier op elkaar en de situatie, dat je regelmatig denkt: hoe kan Jacques Vriens zéven kinderen tegelijkertijd aanvoelen? Het is alsof hij ze ergens in onzichtbare gedaante afgeluisterd heeft. Voeg daarbij het feit dat dit boek eigenlijk gemáákt is voor een verfilming en je hebt een heel stevige aanrader.  

KATTENSOEP - Janneke Schotveld, met tekeningen van Annet Schaap (CPNB) en KNIKKERUIL - Martijn van der Linden & Maranke Rinck (CPNB)

De kinderboekenweek is begonnen en dus worden er hopelijk massaal boeken gekocht, en dus krijgen de kopers daar het kinderboekenweekgeschenk bij, en voor een heel klein bedrag, het kinderboekenweekprentenboek.
Ik deed en kreeg dat gisteren ook en ik had plezier met het lezen en bekijken van beide boeken.

KATTENSOEP is een vrolijk verhaal over de geheimzinnige verdwijning van wel meer dan twintig katten. Boeli en Lucy gaan op zoek naar het verhaal áchter die verdwijning. KATTENSOEP is ongecompliceerd en monter. Mij beviel vooral de timing van de dialogen en de actie - het boek doet daardoor heel fris aan. Ook fijn: de vanzelfsprekende om zijn echtvriend treurende opa, de bakker die een vrouw is, de politieagent die Zarif heet - niet omdat Schotveld politiek correct wil zijn, maar gewoon, omdat het een verhaal van nu is.

KNIKKERUIL is na MEMORYKONIJN en TANGRAMKAT het derde prentenboek met-en-óver-een-spel dat Martijn van der Linden en Maranke Rinck bedachten en ook dit derde deel is weer oogstrelend. Waar TANGRAMKAT allerlei rechthoekige/driehoekige vormen toonde, is het nu vooral rollend wat we zien. Vanaf de schutbladen cirkelen ze ons al tegemoet: de knikkers met de naam Spook, Coole Dude, Zebra, of zelfs - gelukkigmakend - Okapi. Als contrast zijn daar de prachtige knikkerspelen waar de knikkerpersonages, met uil als nieuwelingetje, in verzeild raken. En de monsters op de achterkant van het boek zijn dáár dan weer de koningen van, natuurlijk. Een heerlijk boek!
   

zaterdag 23 september 2017

LAMPJE - Annet Schaap (Querido)

Iedereen zei het al en iedereen had gelijk. Dat LAMPJE, het schrijfdebuut van Annet Schaap, het wonder van het kinderboekenjaar was. Ik had het alleen nog niet gelezen. Niet omdat ik dat niet wilde, maar juist omdat ik het gráág wilde. Ik wilde de juiste tijd vinden, een tijd met rust en aandacht, want ik wilde absoluut niet dat het tegen zou vallen. Toen wist ik nog niet dat LAMPJE niet kón tegenvallen. Ik las het nu dus (eindelijk) wel, en ja: iedereen zei het al en iedereen had het gelijk. LAMPJE is een blinkende parel van een boek. Alles eraan is goed: de uitgave, de prachtige brede tekeningen aan het begin van elk hoofdstuk, de karaktertekening, de plotopbouw, de taal... Het is duidelijk dat uitgeverij Querido hiermee een klassieker het licht heeft doen zien. Een boek dat in alle klassen voor te lezen is, dat in de mooiste traditie van Paul Biegel staat, maar dat toch ook zo sterk en warm van zichzelf is. Lampje en Vis en Lennie zijn personages om van te houden en ach, eigenlijk zijn alle andere figuren dat ook, want Annet Schaap heeft mededogen voor iedereen. Met dit boek is het Nederlandse kinderboekenlandschap een mijlpaal rijker.

donderdag 21 september 2017

HOND IN HET HUIS VAN WOLF - Sylvia Vanden Heede & Marije Tolman (Lannoo)

Sylvia Vanden Heede is natuurlijk al beroemd om haar boeken voor beginnende lezers over Vos en Haas, maar die over Hond en Wolf, met Marije Tolman, beginnen ook al een sterke faam te krijgen. In het nieuwste deel, HOND IN HET HUIS VAN WOLF, vertrekt Wolf uit het bos en Hond moet maar op zijn huis passen. Pup? Die moet achterblijven in het huis van Hond. In een goed verhaal in vrijwel enkel éénlettergrepige woorden voltrekt zich een echt avontuur, inclusief écht enge passages, maar ook met een mooi, rond ploteinde.
De tekeningen van Marije Tolman leggen er een prachtig kleurentapijt onder. Er zit vaart in (de plaat waarop Wolf zich smekend vastklampt aan de poot van hond is heel grappig beweeglijk), maar ook rijke sfeer: de platen met de verbeelde angsten in de nacht van Hond bijvoorbeeld - die zijn spannend en eng, maar nooit té eng. Een heerlijk boek dus, vooral ook voor startende lezers.

HET ALFABET VAN CANDICE PHEE - Barry Jonsberg (Lemniscaat)

Een mooi nieuw jeugdboek uit Australië, en het eerste in het Nederlands vertaalde verhaal van de aldaar vermaarde Barry Jonsberg. Candice houdt van orde en van letterlijkheid: een opdracht als 'beschrijf jezelf aan de hand van een alfabet' is dus heel helder voor haar. Ze neemt er dan ook de ruimte voor - dit boek ís die ruimte. In zesentwintig hoofdstukjes beschrijft Candice haar leven. Haar moeder is depressief en haar vader teleurgesteld. Haar kleine zusje is gestorven en haar rijke lievelingsoom kan niet meer op bezoek komen, omdat er ruzie is tussen hem en Candice' vader. Een gecompliceerd leven dus, maar het fijne aan dit boek is dat het nogal monter is. Met humor en slagvaardigheid gaat Candice aan de slag. In soms hilarische acties brengt ze iedereen bij elkaar. Heel mooi is het om te zien hoe het autisme-achtige karakter van Candice niet als probleem, maar juist als kracht wordt ingezet. De personages zijn warm en levendig, en dus kan ik alleen maar de hoop uitspreken dat er meer boeken van Jonsberg vertaald zullen gaan worden.

Dit boek werd vertaald door Annelies Jorna.

zaterdag 9 september 2017

BLAUWE HOND - Louis de Bernières (De Arbeiderspers)

Achterin dit fijne, kleine verhaal schrijft Louis de Bernières: 'Net als DE ROOIE HOND is dit boek geschreven voor kinderen van twaalf en zal het waarschijnlijk vooral door volwassenen worden gelezen.' Dat laatste is wel waarschijnlijk, aangezien het verschijnt bij De Arbeiderspers, een niet-kinderboeken-uitgeverij, maar het zou zonde zijn. BLAUWE HOND is een heerlijk boek. Het speelt zich af in het bushland van Australië, waar Mick van twaalf tijdelijk gaat wonen. Zijn opa heeft er een cattle station, een onherbergzame plek voor kinderen, met cyclonen en bosbranden. Maar Mick leert er de geweldigste mensen kennen: kluizenaars en surfers die het eenzame geluk najagen, en natuurlijk zijn geweldige opa. Het boek is doortrokken van de geschiedenis van het land en van de Aboriginals, maar gloeit van de liefde. Die van opa voor Mick en terug, die van iedereen voor de betoverende lerares Miss Betty, en vooral die van en voor Blue, de pup die ze vinden. BLAUWE HOND is een heel sterke aanrader voor iedereen die van zintuiglijke, zinderende en ontroerende kleine verhalen houdt.

Dit boek werd vertaald door Susan Ridder, en bevat fijnzinnige pentekeningen van Alan Baker.

donderdag 7 september 2017

ONDER MIJN MATRAS DE ERWT - Ted van Lieshout (Leopold)

De kinderliteratuur - nee, élke literatuur - heeft eigenzinnige makers nodig, mensen die de grenzen opduwen. Ted van Lieshout doet dat. Hij deed dat altijd al, maar zijn nieuwe dichtbundel ONDER MIJN MATRAS DE ERWT is een van zijn allersterkste boeken en dus ook een van die allersterkste breekijzers.
De bundel spreidt, in vijfendertig gedichten, het portret uit van een meisje dat - denk ik - zweeft tussen haar kindertijd en haar puberjaren. Ze kan als een basisschoolleerlinge spelen met de gedachte dat haar moeder haar echte moeder niet is, maar ook samen met een vriendin geïntrigeerd zijn door een exhibitionist in een auto, of zich afvragen of ze misschien méér voelt voor dat vriendinnetje dan enkel vriendschap. De gedichten zijn rijk en lang of juist kort en strak, ze gaan van vrolijk naar serieus en hard - en altijd is er dat zoeken naar de eigen plek, misschien wel gaande gehouden door de metaforische erwt onder het matras, het eigenlijk-ben-ik-een-prinses-gevoel.

Het beeld komt in deze bundel van foto's van door Van Lieshout gemaakte koppen van poppen. Zelf schrijft hij daar in het nawoord over: 'Er zijn mensen die de poppenportretten in dit boek een beetje eng vinden. Dat komt misschien doordat we gewend zijn aan poppen die er mooi en schattig uitzien. Bovendien is het een beetje raar om portretten te maken van poppen alsof het mensen zijn. Toch wilde ik dat graag: foto's maken van poppen die níét snoezig zijn.' Snoezig zijn ze zeker niet, maar ze passen fantastisch bij het wringende gevoel uit de gedichten: ze tonen wezens die peinzen, die dromen of die verdwaald lijken. Steeds is elke kop getooid met iets dat met de gedichten te maken heeft: een tulband van een dweil, een kardinaalsmuts van een 20-euro-briefje (naast een gedicht dat 'negentien vijfennegentig' heet), een diadeem van erwten - en zo nog veel meer. In de ruime inhoudsopgave die voorafgaat aan het boek zien we trouwens drie door Van Lieshout getékende portret van het opgroeiende meisje, waarin hij haar als het ware aan ons voorstelt.

Het is een genot om dit boek tot je te nemen. Niet één, maar twee, zestien of een oneindig aantal keren. ONDER MIJN MATRAS DE ERWT verrijkt de jeugdpoëzie (en toont daarmee meteen de aarzelend op gang komende, maar met deze bundel duidelijk aangetoonde revival ervan aan), maar ook de poëzie-illustratie. ONDER MIJN MATRAS stoot door onze vastgelopen normen heen en is daarmee niet alleen geweldig, maar ook stikbelangrijk.

IS NERGENS ERGENS? - Iris van der Graaf (Nieuwezijds)

IS NERGENS ERGENS? heeft als ondertitel: Verhalen over filosofen en hun ideeën. Dat geeft weer wat dit boek biedt: Iris van der Graaf 'behandelt' bekende filosofen en vertaalt hun ideeën in voor kinderen navolgbare vragen. Dat levert een intrigerend geheel aan kwesties op, zoals: waar denk je aan als je aan de dood denkt? Blijf je dezelfde persoon als je ouder wordt? Ben je altijd zelfverantwoordelijk, of zijn er ook situaties waarin je niets te kiezen hebt?
Van der Graaf schrijft helder en sluit echt aan bij kinderen. Om die reden is dit boek heel goed te gebruiken voor filosofielessen op de basisschool - iets dat sowieso zeer, zeer te propageren valt. Op de achterflap is te zien welke filosofen 'behandeld zijn' en hoe we ze in de tijd kunnen plaatsen. Het gaat dan dus van Leucippus naar Nussbaum, via allerlei grote namen als Kant, Descartes, Kierkegaard Sartre en Arendt.  

MIJN ZUSJE HEEFT HET KLEINSTE HUIS - Merel Eyckerman & Marjet Huiberts (Gottmer) - PLASMAN - Benjamin Leroy & Jaap Robben (Gottmer)

Twee fijne nieuwe Gottmer-prentenboeken: in MIJN ZUSJE HEEFT HET KLEINE HUIS onderzoekt Marjet Huiberts in de fijn rijmende tekst allerlei woonvormen binnen een familie. Flat, bejaardenhuis, villa, rijtjeshuis - maar ook twee tantes samen, een deftige oom en tante, en alleenstaanden. Merel Eyckerman maakte er prachtige prenten bij, waarin de heldere behuizingen (in dunne lijnen) mooi combineren met de figuren van de mensen die ze bewonen. Het kleurgebruik is dat van een frisse nieuwe lentedag: bont maar zacht. Het boek eindigt in een mooie, zichzelf in de compositie omarmende, tekstloze spread waarin alle familieleden bijeenkomen rond de nieuwste aanwinst, het zusje dat even tevoren nog het fijnste, kleinste huisje bewoonde.

In PLASMAN is de stad in gevaar: de Verschrikkelijke Sneeuwman komt eraan. Maar alle superhelden hebben redenen om niet in actie te kunnen komen - en dus moet Plasman het doen. Het boek is een kijkfestijn geworden. De timing die Jaap Robben in zijn tekst legt zie je in beeld gespiegeld, met vele extra effecten. De superheldenmoeders die zich over het (dan nog) nietsnutje Plasman heen buigen, de vliegende Plasman die een strakke rechte lijn naar een urinoir plast, de overzichtsplaten van het stadje, met een piesgeel standbeeld, op elke spread is er grinnikend iets aan te wijzen. Het plezier dat Benjamin Leroy overduidelijk heeft gehad bij het tekenen spettert evenzo vrolijk het boek uit.
  

zondag 3 september 2017

EEN HUIS VOOR HARRY - Leo Timmers (Querido)

Leo Timmers is een van de belangrijkste prentenboekmakers die we hebben. In zijn unieke eigen stijl maakt hij het ene na het andere oogstrelende prentenboek dat tegelijkertijd voor heel, heel veel kinderen is. Ook EEN HUIS VOOR HARRY gaat weer tot mijn rijtje Timmersfavorieten behoren: we zien Harry, een iets te zware huispoes, die op een dag, verleid door een vlinder, zijn huis verlaat en de weg kwijtraakt. In zijn zoektocht naar de weg naar huis ontdekt Harry hoe andere dieren wonen: laag, hoog, klein. In dit verhaal, waaraan natuurlijk een gelukkig einde zit, zijn er meerdere spreads waarvan je het origineel in je kamer wilt hebben hangen. Die van Harry die een duizendpoot ontdekt, bijvoorbeeld. De duizendpoot woont onder een sokkel - daar gaat het ook om, hij woont 'laag'. Maar óp de sokkel ligt een plomp en trots beeld van een groen uitgeslagen koperen leeuw. En als contrast is er een tevreden duif op het achterste van de leeuw gaan zitten - al kijkt hij suf de andere kant op. Een heerlijke compositie. Ook de platen met de aanwijsborden zijn magnifiek. EEN HUIS VOOR HARRY is dus weer vintage Timmers. 

maandag 28 augustus 2017

HET GEHEIM VAN HET NACHTEGAALBOS - Lucy Strange (Gottmer)

Lucy Strange debuteerde met dit boek. Ze maakte een bijzondere keuze voor haar eerste verhaal: het speelt zich zo'n honderd jaar geleden af. De Eerste Wereldoorlog is net voorbij, en in het gezin van de twaalfjarige Henrietta (die Henry wordt genoemd) is heftig ingegrepen door het lot: haar oudere broer is omgekomen in een brand. Dat slaat het gezin uit elkaar. Haar moeder wordt depressief en haar vader vlucht in zijn overzeese werk. Gelukkig zijn daar de kokkin en de kinderverzorgster, maar ook die zijn bijna niet bestand tegen de veel te agressief opererende huisarts, die een opname van de moeder in een experimenteel krankzinnigengesticht liever gisteren dan vandaag plaats laat vinden.
Henry, die ook nog zorgen heeft om haar babyzusje, staat er helemaal alleen voor. Of toch niet? Er is onzichtbare bijstand van haar overleden broer, die ze nog af en toe voor zich ziet, en er is een mysterieuze vrouw die bivakkeert in de bossen buiten Huize Hoopvol, de nieuwe woning die het verwoeste gezin betrokken heeft.
Langzaam stuurt de schrijfster ons door dit klassiek aandoende boek, dat gaat over grote thema's: rouwverwerking en de moed om iets durven te veranderen. De plot doet nergens gekunsteld aan en vooral het kalme verteltempo helpt bij de geloofwaardigheid.

Dit boek werd vertaald door Aleid van Eekelen-Benders.

vrijdag 18 augustus 2017

DE DIEREN VAN HET DUISTER - Piers Torday (Luitingh Sijthoff)

DE DIEREN VAN HET DUISTER is het tweede deel van de trilogie die met DE LAATSTE WILDE DIEREN begon. Piers Torday kreeg voor dit deel de Guardian Children's Fiction Prize. Het draait ook dit keer weer over de strijd voor de dieren, die de twaalfjarige Kester samen met een paar trouwe helpers moet voeren: een mensenvriendin, Polly, die hij in deel één heeft leren kennen en die een bijzonder geheim blijkt te kennen dat de aarde (en de diversiteit van de soorten) kan 'resetten', en zijn dierenvrienden: het oude edelhert, het wolvenjong, de duiven, de dansende muis en de kakkerlak, die Generaal heet. Maar er blijken in dit deel veel meer dieren over te zijn dan Kester wist. Die dieren zijn de mensen niet goed gezind, en dus ook Kester niet. Wat volgt is een razende strijd, met veel wendingen in de hoofdstukken, maar ook, net als in deel één, een mooie ondertoon van vriendschap, moed en milieubewustzijn.

Dit boek werd vertaald door Aimée Warmerdam.

dinsdag 15 augustus 2017

VAN WIE IS DIE STAART? - Martijn van der Linden & Joukje Akveld (Gottmer)

In de fijne reeks 'Van Wie Is'-peuterboekjes (bedacht door Joukje Akveld, eerder waren er al heel mooie delen met Thé Tjong-Khing, Annemarie van Haeringen en Philip Hopman) verscheen nu een deel met tekeningen van de geweldige Martijn van der Linden: VAN WIE IS DIE STAART? Vormgegeven door Steef Liefting en mooi stevig op de wereld gezet door uitgeverij Gottmer. Per eerste spread zien we vier dieren (en één keer géén dier) en een staart - en van wie is die staart? Op de volgende spread volgt dan de oplossing. Maar hoe heerlijk zijn die oplossingen! We zien niet alleen het dier, maar altijd ook een vrolijk detail: een tasje aan een vleugel, een hoedje... Hiermee knoopt Martijn van der Linden niet alleen aan bij vorige delen, maar ook bij zijn eigen prentenboekdebuut HET PRINSENKIND (2004). In de laatste pagina's van dit VAN WIE IS DIE STAART worden ook nog eens alle vorige dierenspreads vrolijk samengevat. Een peuterboek vol pret.
 

dinsdag 1 augustus 2017

WIJ WAREN HIER EERST - Joukje Akveld (Gottmer)

De Nederlandstalige non-fictie voor kinderen bloeit. En een van de mooiste bloesems van dit jaar is WIJ WAREN HIER EERST: het verslag dat Joukje Akveld doet van haar reis naar Zuid-Afrika, meer precies van de dieren die ze daar trof, in en buiten speciale opvanginstellingen. Het boek is dik en bont. Niet alleen zijn er Akvelds participerende journalistiek-reportages (waarvan de vorm verschilt, dat is interessant en levendig), maar ook veel en vooral veel mooie foto's, er zijn kaderteksten, safaritips, er is de schone vormgeving van Steef Liefting en er zijn de strooitekeningen van Piet Grobler, die, zoals de schrijfster in het nawoord zegt, Afrikaans DNA toevoegen aan het boek. De veelheid en de precisie maken indruk, en voor kinderen die zoals ik vroeger een ranger van het Wereld Natuurfonds waren is dit boek werkelijk perfect - maar ook voor alle andere kinderen.

maandag 31 juli 2017

AFKOELEN - Selma Noort (Leopold)

Tomas is zo'n jongetje: altijd net iets te snel boos, net iets te snel druk. In een impulsieve actie doet de elfjarige zevendegroeper iets doms, iets dat eigenlijk klein is en zo hersteld had kunnen worden, maar het moment gaat voorbij en dan wordt alles steeds groter en lastiger.
Selma Noort schreef er een goed boek over. In AFKOELEN schildert ze, in een fijn lezend verhaal, een prachtig psychologisch beeld van de aandoenlijke Tomas. De details spreken en we krijgen echt inzicht in hoe hij denkt en wat hij doet.
Noort schreef intussen een sterk oeuvre bij elkaar. Voor DE ZEE KWAM DOOR DE BRIEVENBUS kreeg ze in 2016 een Vlag en Wimpel van de Griffeljury, wat mij betreft had ze er voor AFKOELEN dit jaar weer één mogen krijgen.

dinsdag 18 juli 2017

DE GROTE BOMENROVER - Oliver Jeffers (Hoogland & Van Klaveren) - OSSIP EN DE ONVERWACHTE REIS - Annemarie van Haeringen (Leopold)

Wat fijn, nieuwe prentenboeken van prentenboekmakers die nooit teleurstellen, in dit geval Oliver Jeffers en Annemarie van Haeringen.

DE GROTE BOMENROVER stamt al uit 2008, maar werd nu toch, gelukkig, vertaald. Het is een vrolijk soort detective: iemand heeft takken van de bomen gezaagd, en er wordt een team van speurders en rechters samengesteld. De lezer weet allang wie de schuldige is, en ja, die wordt ook gepakt. Waarna blijkt dat de takken voor iets heel anders worden gebruikt dan vermoed werd. Het grote plezier van dit boek schuilt in de tekeningen, die iets van een heel droge grap hebben: dezelfde timing, hetzelfde weglaten van alles wat overbodig is. Dat de benen en poten van alle personages vervangen zijn door streepjes is absurd, maar voegt eerder iets toe aan de waarachtigheid dan dat het iets wegneemt.

OSSIP EN DE ONVERWACHTE REIS gaat uit van een draadje: een draadje dat ergens ligt, een draadje waar Ossip (een soort kaboutertje) nieuwsgierig van wordt en dat hij besluit te volgen. Daarmee is het boek een pleidooi voor een open blik. Voor het durven nalopen van je eigen doedels, en dan maar zien wat ervan komt. Het mooie aan dit verhaal is dat het niet een sluitend 'plotje' is. De lezer/kijker kan zelf bedenken waar Ossip zich precies bevindt (zo is hij opeens op een tekentafel - die van Van Haeringen, toch?). Het boek lijkt dan ook te zijn wat het propageert: teken maar wat, schrijf maar wat, volg de lijnen die uitgezet zijn, toe maar, je wordt beloond.

DE GROTE BOMENROVER werd vertaald door Berd Ruttenberg.

maandag 10 juli 2017

WERELD VOETBAL ATLAS - Gerard van Gemert & Job van Gelder (Voetbal International Kids)

Leuk idee: een atlas maken aan de hand van voetbalfeiten. De kinderuitgeverij van Voetbal International vroeg aan schrijver Gerard van Gemert (beroemd van vele fictie-voetbalboeken) om alle continenten langs te gaan en van heinde en ver voetbalweetjes te verzamelen. In deze atlas worden de werelddelen een voor een soepel door Van Gemert beschreven - steeds vanuit voetbalperspectief. En dus leren we iets over het land, maar ook over de competities, de belangrijkste clubs en sterspelers, en zijn er grappige feitjes.

Een en ander wordt begeleid door de grootste troef in dit grote boek: de aanstekelijke tekeningen van Job van Gelder. Niet alleen tekent hij 'documentair', als het gaat om landgrenzen, voetbalstadions en clublogo's, maar ook strooit hij met grapjes en verwijzingen en maakt zo het bladeren door deze atlas tot een vrolijk kijkfeestje.

maandag 3 juli 2017

ARISTOTELES & DANTE ONTDEKKEN DE GEHEIMEN VAN HET UNIVERSUM - Benjamin Alire Sáenz (Blossom Books)

Een young adult novel die al tijden getipt wordt, gehypet misschien zelfs, die nu eindelijk in Nederlandse vertaling (een heel, heel mooie, van Aimée Warmerdam) verscheen, zo'n boek kan zo makkelijk tegenvallen. Maar ARISTOTELES & DANTE maakt alle verwachtingen waar.
Soms lees je van die boeken die niet meteen aanvoelen als mogelijke klassiekers, maar waarbij dat dit-is-een-klassieker-gevoel zich langzaam in je nestelt. Precies dat gebeurde me bij lezing van deze roman.
Aristoteles en Dante leren elkaar kennen als ze zestien zijn en doen meteen een vriendschap op die larger than life is. Het is wel duidelijk dat zij samen de 'geheimen van het universum' zullen ontdekken. De geheimen die liggen op het vlak van liefde en seksualiteit, maar ook op het vlak van je gevoelens voor jezelf houden (of juist niet), en, een heel mooi aspect in het boek: van de liefde voor je vader en moeder. Anders dan in veel jeugdboeken hebben beide jongens werkelijk fantastische ouders. Die ook fouten maken, natuurlijk, maar tegelijkertijd willen ze met hun zonen meedenken, en ze willen ze ook met rust laten, maar als het erop aankomt zijn ze in de buurt.
Benjamin Alire Sáenz heeft een onweerstaanbaar boek geschreven, en dat onweerstaanbare bestaat uit veel componenten. De setting (jaren tachtig, onder Amerikanen van Mexicaanse afkomst), de plot, maar vooral de subtiliteit. Daarnaast lees je er als een zandorkaan doorheen. Maar het meest waardevol is het toch de liefde die uit dit boek gloeit. ARTISTOTELES & DANTE ONTDEKKEN DE GEHEIMEN VAN HET UNIVERSUM is een roman die ons in de armen neemt.

Dit boek werd vertaald door Aimée Warmerdam.

donderdag 22 juni 2017

BOER BORIS EN HET GEBROKEN BEEN - Ted van Lieshout & Philip Hopman (Gottmer)

Dat ik fan ben van Boer Boris laat zich na acht eerdere leestips wel raden. Maar ook nu deel negen verschenen is beveel ik die weer graag bij iedereen aan. Dit keer is broertje Berend de hoofdpersoon, want hij breekt zijn been. Ted van Lieshout schrijft droog: 'Hij kan er niet op staan. Hij kan er niet op lopen. We moeten naar de winkel om een ander been te kopen.'
Tekenaar Philip Hopman heeft weer zichtbaar plezier gehad. Op de plaat die bij de bovenstaande zin hoort komt een horde blauwe kippen bezorgd en half in paniek aanrennen. We zien ze linksonder. Rechtsonder ligt de arme Berend (met zijn knalrode overall). Zusje Sam staat er bezorgd gesticulerend naast. Maar boven hen strekt een schitterende Van Gogh-achtige boom zijn takken uit. Op een mager stammetje (dat aardig rijmt met de botjes die we verderop in het boek op de röntgenfoto's zien) leunt een roze bladerdos, die weldadig tegenwicht biedt aan die blauwe paniekhennen. Overigens, om de compositie én de metaforische enscenering compleet te maken, ligt er nog een zielig gebroken takje op de grond. Of nee, er ligt een zaag naast en de tak is dus afgezaagd. Door Berend. Die op die manier zijn been gebroken heeft. Aha.
Zo zijn we nog maar één spread ver. Er volgt nog een fijn berijmd geruststellend verhaal én een beeldwereld die van bont naar geconcentreerd naar weer lekker bont gaat. BOER BORIS EN HET GEBROKEN BEEN is weer een heerlijke mini-opera van een prentenboek. Op naar deel tien.

DE GEVANGENISFAMILIE VAN PERRY T. COOK - Leslie Connor (Lemniscaat)

Er zijn boeken waar verschillende bezwaren tegen te bedenken zijn, die wel heel erg duidelijk Amerikaans zijn, die wellicht iets teveel een Hollywoodeinde hebben, die zich niet echt houden aan het devies 'show don't tell' - maar waar je toch de grote charme van inziet. Zo'n boek is ALL RISE FOR THE HONORABLE PERRY T. COOK, in het Nederlands vertaald als DE GEVANGENISFAMILIE VAN PERRY T. COOK. Perry, de jongen uit de titel, groeit op in een gevangenis. Niet omdat hij iets verkeerds gedaan heeft, maar omdat zijn moeder iets verkeerds gedaan heeft. Dat een moeder haar kind bij zich mag houden is volgens het boek ongewoon, maar de bevlogen gevangenisdirectrice heeft ervoor gezorgd dat het mogelijk was. Tot de officier van justitie erachter komt. Die de nieuwe vader van Perry's beste vriendin blijkt te zijn.
De charme van dit verhaal is de warmte die uit het beschrijven van de personages spreekt. Vooral de andere gevangenen lijken zo uit een fijne televisieserie weggelopen. Sowieso doet dit hele boek als een sympathieke sitcom aan. En ja, de bezwaren uit de eerste zin van deze leestip blijven bestaan, maar soms heeft een lezer er geen last van. Ik had er bij dit boek geen last van, want als de schrijfster voor één ding zorg heeft gedragen, dan is het wel dat je al lezend van Perry en zijn moeder gaat houden.

Dit boek werd vertaald door Ineke Lenting.


maandag 12 juni 2017

ARTHUR EN DE TATTOO VAN WOLF - Kaat Vrancken & Bert Dombrecht (Querido)

Het tweede boek over de wonderbaarlijke familie Staartjes is verschenen. Hondenkenner Kaat Vrancken schreef opnieuw over de belevenissen van Arthur, die net als zijn zussen een achterachterkleinkind is van een mensenras met hondentrekjes - een mooie vondst van de schrijfster. Deze 'kluivers' kunnen bijvoorbeeld extra goed ruiken, en hebben over het algemeen een hekel aan katten. In dit tweede avontuur gaat het om de zoektocht van Arthur (samen met zijn kat!) naar zijn vader (de kinderen hebben elk een andere vader). Arthur wordt geholpen door zijn vrolijke, eigengereide oma en door een wat duistere oom, die misschien wel iets in zijn schild voert. Extra leuk aan dit tweede deel is de entree van het boek: in pure graphic novelvorm krijgen we een snelle update over wat 'eraan vooraf is gegaan'. Dat hebben Kaat Vrancken en tekenaar Bert Dombrecht mooi gedaan. Een boek vol kijk- en leesgenoegen. 

THE HATE U GIVE - Angie Thomas (Moon)

Maar eens in de zoveel tijd komt er een boek voorbij waarvoor je meteen ruimte wil maken in je eeuwige jeugdboeken top tien. THE HATE U GIVE is zo'n boek.
Starr Carter is de hoofdpersoon. Ze woont in een getto-buurt, maar gaat naar een overwegend witte school. Daardoor leeft ze eigenlijk voortdurend in twee werelden. Dat gaat, met vallen en opstaan, maar alles wordt ondersteboven gesmeten wanneer een van haar beste vrienden door zinloos politiegeweld om het leven komt - waar ze bij is. Die gebeurtenis (helaas realistisch) is het vliegwiel voor een brandende mix van plot en psychologische worsteling. Hoe zwart ben je? Hoe wit ben je? Hoeveel wordt er in ons leven bepaald door kleur en door geld, en hoe kunnen we aan de tunnel die om ons heen lijkt te worden gebouwd ontsnappen?
Ik heb van dit boek geleerd, ik heb ervan genoten (Angie Thomas weet hoe ze échte mensen moet neerzetten, zeg, wowwww), ik heb er om gehuiverd en ik heb er toen nóg weer meer van geleerd. Je zou willen dat iedereen THE HATE U GIVE las. Om te weten wat er in ons gezichtsveld gebeurt, om over onszelf na te denken, om moed te scheppen en om vervoerd te raken. Dit boek heeft het allemaal en is dus niet alleen fenomenaal, maar ook belangrijk.

THE HATE U GIVE werd vertaald door Jasper Mutsaers.

vrijdag 5 mei 2017

OP ZOEK NAAR DE KAPITEIN - Jakob Wegelius (Clavis)

Het is een wonderlijk schrijver en tekenaar, die Jakob Wegelius. Na een graphic novel over de avonturen van een aap, en daarna, over dezelfde aap, nog eens een volumineuze roman, krijgen we nu een prachtig verhaal over een wonderlijk jongetje op een eenwieler (die ook een aap wordt genoemd, trouwens, door iemand in het boek). Dat jongetje is 'de kapitein' kwijt: de man bij wie hij in huis woont. Het verhaal doet verslag van de nachtelijke zoektocht van het jongetje naar de kapitein, die niet thuisgekomen is: is hij voorgoed vertrokken? Het hunkeren van Halidon (de hoofdpersoon), de prachtige figuur van het hondje dat hem komt helpen (het hondje spreekt) en de werkelijk schitterende, ontroerende afronding van het verhaal maken dit een van de bijzonderste uitgaves van dit jaar. Met tekeningen van de schrijver. Mis dit boek niet!

Dit boek werd vertaald door Sophie Kuiper.

NAAR HET NOORDEN - Koos Meinderts (Hoogland & Van Klaveren)

Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog werden kinderen uit het Westen van het land naar de Noordelijke provincies gebracht, omdat daar meer eten was. Ze kwamen bij gastgezinnen terecht, die soms wel en soms niet wisten wat ze aanmoesten met die nieuwe bewoners. Dit mooie nieuwe verhaal van Koos Meinderts (wat een sterke boeken maakt toch, het is elk jaar weer uitkijken naar zijn nieuwste) wordt verteld vanuit Jaap. Samen met zijn broertje Kees en zijn oudere zus Nel brengt ook hij een winter in Friesland door. De nabijheid (van de lezer bij Jaap) is wat dit boek zo sterk maakt, Meinderts slaagt er in om ons Jaap te laten zijn. In het missen, in het plezier, in de vervreemding, ver van huis, en in het vinden van zijn weg tussen heel christelijke gastouders en een niet altijd verwelkomende klasgenoot. Met sterke, mooi in blauw afgedrukte, tekeningen van - uiteraard - Annette Fienieg.


PODKIN EENOOR - Kieran Larwood (Gottmer)

Dit boek van Kieran Larwoord lezen is een beetje alsof je een nieuw boek van Paul Biegel leest, als het tenminste over het verhaal gaat: we zijn in een konijnenwereld. Een konijnenmaatschappij. Met clans en heersers, en, als hoofdpersoon, een bang konijntje dat een belangrijk strijder zal moeten worden. Want er is natuurlijk ook Echt Kwaad.
Het idee achter dit boek is natuurlijk klassiek, en niet vernieuwend, maar de vertelstijl is wat PODKIN EENOOR doet verschillen van andere verhalen. De verteller is namelijk een knorrige bard, die het verhaal van tijd tot tijd onderbreekt. Omdat hij vindt dat zijn gehoor (jonge konijntjes) niet goed luisteren, of omdat het verhaal een cliffhanger wel kan gebruiken, of omdat hij zin heeft in iets lekkers om te eten. Dat - en de onthulling aan het eind van het boek - maakt dat het heel plezierig lezen is in dit eerste deel van een trilogie. Nieuwsgierig naar deel twee.

De illustraties zijn van David Wyatt en het boek werd vertaald door Sofia Engelsman.

dinsdag 25 april 2017

HET HEEL GROTE VOGELBOEK - Bibi Dumon Tak (Lannoo)

Er zijn boeken waarvan je elke pagina kunt openslaan, en je vindt dan, waar je ook terechtkomt, altijd iets citeerbaars. Wacht, ik doe de test even met HET HEEL GROTE VOGELBOEK, ik sla het boek open... op bladzijde 30, het gaat hier over de fazant: 'Hij blinkt in het licht wanneer hij op de akker zijn vijand tegemoet stapt. Zijn fonkelgroene kop geheven, zijn wangen rood als kersenbloed.' Wacht, ik doe het nog eens... bladzijde... 57, de roerdomp. 'De roerdomp boert zijn treurige voorjaarslied door de ochtendnevel over de uitgestrekte wateren. Een liefdeskreet verpakt in lucht.' En zo kan ik doorgaan. Elk vogelportret is met Bibi Dumon Taks fijnste pen geschreven, het is met haar ruimste inzet onderzocht, bedacht en aan ons overhandigd. Dit ook in formaat grootse boek is een echo van het boek van Nozemann en Sepp (en degenen die het werk van hen hebben overgenomen) dat tweehonderdvijftig jaar oud is, maar de grootfaraoïste van de non-fictie voor kinderen biedt het ons aan in een frisse, frisse werveling aan. Leve Bibi Dumon Tak, leve het puttertje, de wilde zwaan en de knobbelzwaan, leve de ijsvogel en de waterral en alle anderen, we zullen ze nog beter horen en zien, want HET HEEL GROTE VOGELBOEK (perfect uit- en vormgegeven) heeft hun belang in ons leven vergroot.  

woensdag 12 april 2017

MIJN VRIEND CRENSHAW - Katherine Applegate (Querido)

Jackson is echt geen type voor een denkbeeldige vriend. Dat weet hij zeker. Maar in zijn leven duikt er wel regelmatig eentje op: een uit de kluiten gewassen kat die van surfen houdt. Jackson, een jongen van het tobberige soort, probeert de verschijning van de kat te verklaren - en die poging tot verklaren, dat is eigenlijk dit boek. Dat de ouders van Jackson en zijn kleine zusje Robin veel te weinig geld hebben om een normaal leven te leiden heeft daar natuurlijk mee te maken. Jackson en zijn zusje moeten zich mee laten slepen in plotselinge verhuizingen, en ook al proberen hun ouders er de moed in te houden, toch wordt het tijd dat Jackson zijn problemen onder ogen ziet. MIJN VRIEND CRENSHAW is een fantastisch boek. De personages zijn levensecht, de taal is fijn, de schrijfster (die we nog kennen van IK BEN EEN GORILLA) zet humor, ritme en plot meesterlijk in, en Jackson én de wijze Crenshaw zijn niet licht te vergeten. Het boek werd (zoals we van haar gewend zijn) geweldig vertaald door Annelies Jorna - zij maakt Applegate's zinnen ook in het Nederlands bijzonder smul- en citeerbaar.

vrijdag 7 april 2017

ALLE DIEREN DRIJVEN - Gideon Samson & Annemarie van Haeringen (Leopold)

Annemarie van Haeringen maakte een boek over het bijbelverhaal van Noach voor een Duitse uitgeverij. Maar voor haar Nederlandse uitgever schreef Gideon Samson er een heel andere tekst bij. En dat is heel erg fijn, want het boek blinkt nu dubbel uit. De prachtige grondstructuren, het olifantenhuidgrijs,de buffels (en de okapi's!) de dieren die uit een dakraampje van de ark uitkijken naar nieuw land - het is allemaal even prachtig. Gideon Samson schreef een intrigerende tekst, met ritme en humor, verteld vanuit een toekijkende god. De god beziet wat Noach doet met al bijna net zulke onwetende ogen als het voorgelezen kind. Maar het boek eindigt met de prachtige zin: 'Ik begon te stralen'. En dat is wat veel kinderen en hun ouders ook zullen doen als ze dit boek te lezen en te bekijken krijgen.

WE HEBBEN EEN HOED - Jon Klassen (Gottmer)

Alles wat Jon Klassen doet is goed. En het meest geldt het misschien wel voor zijn eigen boeken, die waar hij ook de tekst voor schrijft. WE HEBBEN EEN HOED completeert de hoed-trilogie, die begon met IK WIL EEN HOED en DEZE HOED IS NIET VAN MIJ. En ze zijn alle drie even sterk (wat op zich al een wonder is bij een trilogie). Ze blinken uit in eenvoud van beeld en eenvoud van tekst. Daarbij is de verteltoon zo heerlijk - ook nu weer. In drie episodes word je laconiek deelgenoot gemaakt van twee schildpadjes die een hoed vinden. Maar er is een probleem, want ze zijn  met z'n tweeën en er is maar één hoed. Door het simpele verhaal heen straalt een interessante overweging over wat vriendschap is. Kinderen die het verhaal voorgelezen krijgen, zelfs héél kleine kinderen al, zullen de nuances hiervan meekrijgen. Opnieuw een mirakel van een boek dus.

Dit boek werd vertaald door J.H. Gever.

In deze leestip wil ik ook nog even een onvertaald boek noemen: HOUSE HELD UP BY TREES. Een zorgvuldige natuurvertelling, geschreven door Ted Kooser, over hoe een verlaten huis langzaam door scheuten van bomen omringd wordt en later door de takken van die bomen zelf opgetild wordt. Een kalm en toch ook belangrijk verhaal. Het is prachtig getekend door Klassen. De beelden zijn monumentaal en warm en rustig tegelijkertijd. Een pleidooi voor het kijken. Ik hoop dat dit boek toch ook ooit nog eens vertaald wordt.