zaterdag 9 september 2017

BLAUWE HOND - Louis de Bernières (De Arbeiderspers)

Achterin dit fijne, kleine verhaal schrijft Louis de Bernières: 'Net als DE ROOIE HOND is dit boek geschreven voor kinderen van twaalf en zal het waarschijnlijk vooral door volwassenen worden gelezen.' Dat laatste is wel waarschijnlijk, aangezien het verschijnt bij De Arbeiderspers, een niet-kinderboeken-uitgeverij, maar het zou zonde zijn. BLAUWE HOND is een heerlijk boek. Het speelt zich af in het bushland van Australië, waar Mick van twaalf tijdelijk gaat wonen. Zijn opa heeft er een cattle station, een onherbergzame plek voor kinderen, met cyclonen en bosbranden. Maar Mick leert er de geweldigste mensen kennen: kluizenaars en surfers die het eenzame geluk najagen, en natuurlijk zijn geweldige opa. Het boek is doortrokken van de geschiedenis van het land en van de Aboriginals, maar gloeit van de liefde. Die van opa voor Mick en terug, die van iedereen voor de betoverende lerares Miss Betty, en vooral die van en voor Blue, de pup die ze vinden. BLAUWE HOND is een heel sterke aanrader voor iedereen die van zintuiglijke, zinderende en ontroerende kleine verhalen houdt.

Dit boek werd vertaald door Susan Ridder, en bevat fijnzinnige pentekeningen van Alan Baker.

donderdag 7 september 2017

ONDER MIJN MATRAS DE ERWT - Ted van Lieshout (Leopold)

De kinderliteratuur - nee, élke literatuur - heeft eigenzinnige makers nodig, mensen die de grenzen opduwen. Ted van Lieshout doet dat. Hij deed dat altijd al, maar zijn nieuwe dichtbundel ONDER MIJN MATRAS DE ERWT is een van zijn allersterkste boeken en dus ook een van die allersterkste breekijzers.
De bundel spreidt, in vijfendertig gedichten, het portret uit van een meisje dat - denk ik - zweeft tussen haar kindertijd en haar puberjaren. Ze kan als een basisschoolleerlinge spelen met de gedachte dat haar moeder haar echte moeder niet is, maar ook samen met een vriendin geïntrigeerd zijn door een exhibitionist in een auto, of zich afvragen of ze misschien méér voelt voor dat vriendinnetje dan enkel vriendschap. De gedichten zijn rijk en lang of juist kort en strak, ze gaan van vrolijk naar serieus en hard - en altijd is er dat zoeken naar de eigen plek, misschien wel gaande gehouden door de metaforische erwt onder het matras, het eigenlijk-ben-ik-een-prinses-gevoel.

Het beeld komt in deze bundel van foto's van door Van Lieshout gemaakte koppen van poppen. Zelf schrijft hij daar in het nawoord over: 'Er zijn mensen die de poppenportretten in dit boek een beetje eng vinden. Dat komt misschien doordat we gewend zijn aan poppen die er mooi en schattig uitzien. Bovendien is het een beetje raar om portretten te maken van poppen alsof het mensen zijn. Toch wilde ik dat graag: foto's maken van poppen die níét snoezig zijn.' Snoezig zijn ze zeker niet, maar ze passen fantastisch bij het wringende gevoel uit de gedichten: ze tonen wezens die peinzen, die dromen of die verdwaald lijken. Steeds is elke kop getooid met iets dat met de gedichten te maken heeft: een tulband van een dweil, een kardinaalsmuts van een 20-euro-briefje (naast een gedicht dat 'negentien vijfennegentig' heet), een diadeem van erwten - en zo nog veel meer. In de ruime inhoudsopgave die voorafgaat aan het boek zien we trouwens drie door Van Lieshout getékende portret van het opgroeiende meisje, waarin hij haar als het ware aan ons voorstelt.

Het is een genot om dit boek tot je te nemen. Niet één, maar twee, zestien of een oneindig aantal keren. ONDER MIJN MATRAS DE ERWT verrijkt de jeugdpoëzie (en toont daarmee meteen de aarzelend op gang komende, maar met deze bundel duidelijk aangetoonde revival ervan aan), maar ook de poëzie-illustratie. ONDER MIJN MATRAS stoot door onze vastgelopen normen heen en is daarmee niet alleen geweldig, maar ook stikbelangrijk.

IS NERGENS ERGENS? - Iris van der Graaf (Nieuwezijds)

IS NERGENS ERGENS? heeft als ondertitel: Verhalen over filosofen en hun ideeën. Dat geeft weer wat dit boek biedt: Iris van der Graaf 'behandelt' bekende filosofen en vertaalt hun ideeën in voor kinderen navolgbare vragen. Dat levert een intrigerend geheel aan kwesties op, zoals: waar denk je aan als je aan de dood denkt? Blijf je dezelfde persoon als je ouder wordt? Ben je altijd zelfverantwoordelijk, of zijn er ook situaties waarin je niets te kiezen hebt?
Van der Graaf schrijft helder en sluit echt aan bij kinderen. Om die reden is dit boek heel goed te gebruiken voor filosofielessen op de basisschool - iets dat sowieso zeer, zeer te propageren valt. Op de achterflap is te zien welke filosofen 'behandeld zijn' en hoe we ze in de tijd kunnen plaatsen. Het gaat dan dus van Leucippus naar Nussbaum, via allerlei grote namen als Kant, Descartes, Kierkegaard Sartre en Arendt.  

MIJN ZUSJE HEEFT HET KLEINSTE HUIS - Merel Eyckerman & Marjet Huiberts (Gottmer) - PLASMAN - Benjamin Leroy & Jaap Robben (Gottmer)

Twee fijne nieuwe Gottmer-prentenboeken: in MIJN ZUSJE HEEFT HET KLEINE HUIS onderzoekt Marjet Huiberts in de fijn rijmende tekst allerlei woonvormen binnen een familie. Flat, bejaardenhuis, villa, rijtjeshuis - maar ook twee tantes samen, een deftige oom en tante, en alleenstaanden. Merel Eyckerman maakte er prachtige prenten bij, waarin de heldere behuizingen (in dunne lijnen) mooi combineren met de figuren van de mensen die ze bewonen. Het kleurgebruik is dat van een frisse nieuwe lentedag: bont maar zacht. Het boek eindigt in een mooie, zichzelf in de compositie omarmende, tekstloze spread waarin alle familieleden bijeenkomen rond de nieuwste aanwinst, het zusje dat even tevoren nog het fijnste, kleinste huisje bewoonde.

In PLASMAN is de stad in gevaar: de Verschrikkelijke Sneeuwman komt eraan. Maar alle superhelden hebben redenen om niet in actie te kunnen komen - en dus moet Plasman het doen. Het boek is een kijkfestijn geworden. De timing die Jaap Robben in zijn tekst legt zie je in beeld gespiegeld, met vele extra effecten. De superheldenmoeders die zich over het (dan nog) nietsnutje Plasman heen buigen, de vliegende Plasman die een strakke rechte lijn naar een urinoir plast, de overzichtsplaten van het stadje, met een piesgeel standbeeld, op elke spread is er grinnikend iets aan te wijzen. Het plezier dat Benjamin Leroy overduidelijk heeft gehad bij het tekenen spettert evenzo vrolijk het boek uit.
  

zondag 3 september 2017

EEN HUIS VOOR HARRY - Leo Timmers (Querido)

Leo Timmers is een van de belangrijkste prentenboekmakers die we hebben. In zijn unieke eigen stijl maakt hij het ene na het andere oogstrelende prentenboek dat tegelijkertijd voor heel, heel veel kinderen is. Ook EEN HUIS VOOR HARRY gaat weer tot mijn rijtje Timmersfavorieten behoren: we zien Harry, een iets te zware huispoes, die op een dag, verleid door een vlinder, zijn huis verlaat en de weg kwijtraakt. In zijn zoektocht naar de weg naar huis ontdekt Harry hoe andere dieren wonen: laag, hoog, klein. In dit verhaal, waaraan natuurlijk een gelukkig einde zit, zijn er meerdere spreads waarvan je het origineel in je kamer wilt hebben hangen. Die van Harry die een duizendpoot ontdekt, bijvoorbeeld. De duizendpoot woont onder een sokkel - daar gaat het ook om, hij woont 'laag'. Maar óp de sokkel ligt een plomp en trots beeld van een groen uitgeslagen koperen leeuw. En als contrast is er een tevreden duif op het achterste van de leeuw gaan zitten - al kijkt hij suf de andere kant op. Een heerlijke compositie. Ook de platen met de aanwijsborden zijn magnifiek. EEN HUIS VOOR HARRY is dus weer vintage Timmers. 

maandag 28 augustus 2017

HET GEHEIM VAN HET NACHTEGAALBOS - Lucy Strange (Gottmer)

Lucy Strange debuteerde met dit boek. Ze maakte een bijzondere keuze voor haar eerste verhaal: het speelt zich zo'n honderd jaar geleden af. De Eerste Wereldoorlog is net voorbij, en in het gezin van de twaalfjarige Henrietta (die Henry wordt genoemd) is heftig ingegrepen door het lot: haar oudere broer is omgekomen in een brand. Dat slaat het gezin uit elkaar. Haar moeder wordt depressief en haar vader vlucht in zijn overzeese werk. Gelukkig zijn daar de kokkin en de kinderverzorgster, maar ook die zijn bijna niet bestand tegen de veel te agressief opererende huisarts, die een opname van de moeder in een experimenteel krankzinnigengesticht liever gisteren dan vandaag plaats laat vinden.
Henry, die ook nog zorgen heeft om haar babyzusje, staat er helemaal alleen voor. Of toch niet? Er is onzichtbare bijstand van haar overleden broer, die ze nog af en toe voor zich ziet, en er is een mysterieuze vrouw die bivakkeert in de bossen buiten Huize Hoopvol, de nieuwe woning die het verwoeste gezin betrokken heeft.
Langzaam stuurt de schrijfster ons door dit klassiek aandoende boek, dat gaat over grote thema's: rouwverwerking en de moed om iets durven te veranderen. De plot doet nergens gekunsteld aan en vooral het kalme verteltempo helpt bij de geloofwaardigheid.

Dit boek werd vertaald door Aleid van Eekelen-Benders.

vrijdag 18 augustus 2017

DE DIEREN VAN HET DUISTER - Piers Torday (Luitingh Sijthoff)

DE DIEREN VAN HET DUISTER is het tweede deel van de trilogie die met DE LAATSTE WILDE DIEREN begon. Piers Torday kreeg voor dit deel de Guardian Children's Fiction Prize. Het draait ook dit keer weer over de strijd voor de dieren, die de twaalfjarige Kester samen met een paar trouwe helpers moet voeren: een mensenvriendin, Polly, die hij in deel één heeft leren kennen en die een bijzonder geheim blijkt te kennen dat de aarde (en de diversiteit van de soorten) kan 'resetten', en zijn dierenvrienden: het oude edelhert, het wolvenjong, de duiven, de dansende muis en de kakkerlak, die Generaal heet. Maar er blijken in dit deel veel meer dieren over te zijn dan Kester wist. Die dieren zijn de mensen niet goed gezind, en dus ook Kester niet. Wat volgt is een razende strijd, met veel wendingen in de hoofdstukken, maar ook, net als in deel één, een mooie ondertoon van vriendschap, moed en milieubewustzijn.

Dit boek werd vertaald door Aimée Warmerdam.